Holistische praktijk voor dieren

Angel Westerbeek

Blog

Blog

Welkom op mijn blog! Eerder schreef ik mijn artikelen via Facebook Notities, maar deze mogelijkheid is helaas geschrapt. Vandaar nu op deze manier. Hopelijk wordt het leesplezier er niet minder om!

overzicht:  volledig / samenvatting

IETS DOEN BIJ DIARREE? JA, NATUURLIJK!

Geplaatst op 24 december, 2020 om 0:50 Comments reacties ()



IETS DOEN BIJ DIARREE? JA, NATUURLIJK!



Veel honden ontpoppen zich regelmatig als wandelende kliko.

Heerlijke hapjes van een rottend kadaver of drinken uit de meest smerige plassen die je ooit gezien hebt. Om nog maar te zwijgen over het 'straat-diner'. Alles wat op de grond ligt is voor Bassie!

Gelukkig kunnen de meeste honden dit prima hebben, en bij hen heeft dit dan ook wonderwel weinig tot geen gevolgen. Het kan ook echter een keer niet heel goed vallen, of jouw hond is heel gevoelig en hoeft maar het geringste vreemde binnen te krijgen om aan de diarree te raken.


Wat de oorzaak ook mag zijn, je wilt uiteraard graag dat jouw hond hier zo snel mogelijk weer vanaf is. En, heel belangrijk: het liefst zonder chemische medicatie en quick fix poedertjes of drankjes. Dit kan de darm immers extra belasten en zelfs meer schade toebrengen.

Dus, wat gaan we dan doen? We pakken het op natuurlijke wijze aan.


We gaan het in dit artikel hebben over natuurlijke manieren om diarree te behandelen. Al wil ik er wel even bij zeggen: als je de tijd hebt, probeer er dan ook achter te komen wat de oorzaak is geweest. Op die manier stop je niet alleen NU de diarree, maar heb je misschien ook de mogelijkheid om ervoor te zorgen dat het in de toekomst niet weer gebeurd.




WAT KAN DE ONTLASTING VAN JOUW HOND JE VERTELLEN?


Het klinkt misschien niet heel aantrekkelijk, maar je kunt veel leren van de ontlasting van jouw hond als je je erin verdiept. Laten we eerst eens kijken wat als 'normaal' wordt gezien en wat als 'afwijkend' kan worden beschouwd.



Normale ontlasting

Ontlasting wordt als normaal gezien als het stevig is, maar kneedbaar. Denk aan de Play Doh klei. De ontlasting:

* bestaat vaak uit 1 of 2 delen met een vochtige buitenkant

* komt er niet in meerdere delen uit

* kan wat restjes achterlaten, maar het overgrote deel is stevig genoeg om op te pakken


We zien dit het meest bij honden die brokken of gestoomde voeding eten.

Honden die rauw vlees krijgen hebben vaak wat meer kruimelige of kalkachtige ontlasting.

Dit komt door het bot wat er in is verwerkt. Mocht het echt krijtachtig zijn of wit, dan kan het botgehalte in de vleesvoeding te hoog zijn. Je gaat dan meer richting veel te harde ontlasting, met soms zelfs kans op verstopping. Verwar dit dus niet met elkaar. Het mag wat kruimelig zijn, maar TE is niet de bedoeling. Overstappen naar een andere vleessoort is dan een goede keuze. Bij honden die vers eten zien we ook bijna geen restjes die achterblijven als het wordt opgepakt. Het is vaak zo stevig, dat je (als het zou moeten) het zo met je schoen weg zou kunnen schoppen.

De meeste honden poepen zo'n 1-2 x per dag, vaak ook nog rond dezelfde tijd.



       



Afwijkende ontlasting

Zachte ontlasting die er uit ziet als bijvoorbeeld soft ijs (sorry voor de liefhebbers..) heeft vaak de volgende eigenschappen:

* het is deegachtig

* komt er in zijn geheel in 1 x achter elkaar uit

* verliest zijn vorm als je het wilt oppakken en het laat dan ook resten achter op de grond

* is vaak veel natter en heeft niet echt een vorm

* ziet er vaak uit als een stapeltje ontlasting wat op elkaar ineen valt


Slappe, diarree-achtige ontlasting is waterig en dun. Het valt als een plas op de grond en druipt alle kanten op. Het heeft vaak een bepaalde textuur, zeker geen enkele vorm en is niet of nauwelijks op te pakken.

Afwijkende ontlasting kan op elk moment van de dag gebeuren, en dan vaak ook nog op afwijkende tijden. Het kan ook meerdere keren gebeuren, alleen tijdens wandelingen bijvoorbeeld.

Als jouw hond vaak afwijkende ontlasting heeft dan kan er sprake zijn van chronische diarree. Daarvoor hoeft hij het niet binnenshuis te doen, dit kan (zoals al gezegd) ook alleen tijdens beweging zijn.

Ontlasting kan ook te hard en/of te droog zijn, of te brokkelig. Ook kan het zijn dat jouw hond maar moeizaam van zijn ontlasting kan afkomen, en meerdere keren een poging moet wagen voor er daadwerkelijk een klein beetje uit komt. Ook dit valt onder afwijkende ontlasting en is vaak een teken van obstipatie (verstopping).

Bloed en/of slijm in de ontlasting valt ook niet onder normale ontlasting. Het maakt hierbij dan even niet uit hoe de ontlasting er dan verder uit ziet. Bloed in de ontlasting komt verderop ook nog aan de orde, we gaan het eerst even hebben over de kleur.



WAT KAN DE KLEUR VAN DE ONTLASTING BETEKENEN?


Gele ontlasting

Als jouw hond gele ontlasting heeft, dan kan dat de volgende oorzaken hebben:


* Een parasiet als coccidia:

Coccidiose wordt veroorzaakt door de parasiet Isospora Canis of Isospora Ohioensis. Dit zijn eencellige diertjes die vooral bij jonge dieren heel heftige diarree kunnen veroorzaken. De diarree kan weer over gaan, maar de eitjes kunnen nog jaren in de darmwand aanwezig blijven. Als de coccidiën het lichaam binnenkomen, vestigen ze zich in de epitheelcellen van de darm. Daar gaan ze zich vermenigvuldigen, waarna de hond na ongeveer een week of twee sporen gaat uitscheiden.  Die sporen kunnen weer andere honden besmetten. Zoals al gezegd zien we de meest opvallende symptomen bij jonge dieren. Ook volwassen dieren kunnen de parasieten bij zich dragen, maar dit hoeft niet altijd tot symptomen te leiden. Ze kunnen het wel weer verspreiden via de ontlasting. Coccidiose is veel voorkomend, maar weinig gediagnosticeerd.


* Overgroei van ziekteverwekkende bacterien:

Foute bacterien kunnen door verschillende oorzaken gaan overheersen. Hierdoor kan de complete microbioom (het mooie complex van bacterie-colonies die zich in jouw hond bevindt) uit balans raken met verschillende symptomen en aandoeningen tot gevolg. Voorbeelden hiervan zijn Leaky Gut (lekkende darm), chronische darmontsteking, gistinfecties in de darm, leverproblemen, enzovoort. We kunnen tekenen hiervan ook terug zien in de ontlasting.


* Veranderingen in de lever

De lever ontvangt al het bloed uit de maag, darmen, milt en alvleesklier. In dit bloed zitten verteerd voedsel, afvalstoffen en andere stoffen zoals medicijnen, vaccinaties, parasietenmiddelen enzovoort. De lever bewerkt deze stoffen, zuivert het bloed, helpt bij de vertering en produceert de meeste eiwitten die in het bloed zitten, inclusief de stollingseiwitten. Bij een aandoening van de lever zijn al deze functies verstoord.

De symptomen van leverziekten zijn vaak vaag. Andere ziektes kunnen vergelijkbare problemen geven. Geelzucht is wel een specifiek teken dat er iets mis is met lever of galwegen. Klachten van leverproblemen kunnen zijn veel drinken en plassen, bloed bij de urine door blaasstenen, speekselen, slechte eetlust, afvallen, groeiproblemen, braken en diarree, geelzucht, vocht in de buikholte (ascites), verhoogde bloedings-neiging,  afwijkend gedrag: sloom, slaperig, blind, rondjes lopen en door muren heen willen lopen. Belangrijk symptoom is dus ook weer de gele ontlasting/diarree.






* De ontlasting beweegt zich te snel door het maag/darmstelsel waardoor er niet genoeg gal opgenomen kan worden.

Hierdoor kan er niet genoeg gal worden opgenomen. Gal zorgt voor de bruine kleur en wordt door de lever uitgescheiden naar de dunne darm. Als de lever niet naar behoren werkt, kan deze zijn functie dus niet goed uitvoeren en blijft de ontlasting geel.


Al deze bovengenoemde oorzaken kunnen gele ontlasting geven, in de vorm van acute of chronische diarree.



Oranje ontlasting

Oranje ontlasting duidt vaak op het eten van voedingsmiddelen met (oranje) kleurstoffen. In bepaalde gevallen kan het ook betekenen dat er een heftige afbraak is van rode bloedcellen, maar dit zien we dan vooral bij heel erg zieke honden. Hier zijn dan al een groot aantal symptomen aan vooraf gegaan.



Groene ontlasting

Een overmatige bewegingsactiviteit van het maag/darmstelsel kan groene ontlasting veroorzaken. Het kan ook een galblaas issue zijn wanneer de gal van jouw hond niet voldoende wordt verteerd, of wanneer deze te snel door de maag en darmen wordt getransporteerd. Dit kan beide acuut optreden maar ook chronisch. Als dit meer dan een paar dagen aanhoudt, is het wel verstandig dit na te laten kijken.

Groene ontlasting kan ook ontstaan door het eten van veel gras of ganzenpoep. Heb je dus gezien dat dit is gebeurd, dan weet je hoe het komt en hoef je je niet zo druk te maken.



Blauwe ontlasting

Behandel blauwe ontlasting maar gerust als een noodgeval. Het kan betekenen dat jouw hond rattengif heeft gegeten (wat veelal blauw is). Neem de ontlasting mee naar de dierenarts, zodat het gelijk gecheckt kan worden. Dit is zeker een acute situatie en moet gelijk behandeld worden!



Zwarte ontlasting

Zwarte of bijna zwarte ontlasting is vaak een teken dat er bloed in de ontlasting zit. Zwarte ontlasting is meestal niet helemaal zwart, maar heel donkergroen of heel donkerrood. Door een beetje ontlasting op een papiertje te smeren, kan je zien of het groen of rood is. Zwart-groene ontlasting is niet heel afwijkend. Zwart-rode diarree met een typische penetrante geur kan wijzen op een inwendige bloeding. Dit kan verschillende oorzaken hebben:


* Parvo of Kattenziekte: deze virussen veroorzaken een ernstige maag/darmontsteking met bloed verlies. De hond of kat is ernstig ziek, heeft zwarte diarree en koorts. Er bestaan geen medicijnen om deze virussen te doden. Het dier zal zelf het virus moeten overwinnen. De behandeling richt zich op het zo goed mogelijk ondersteunen. Het parvo- en kattenziektevirus zijn zeer ongevoelig voor desinfectie. Om andere dieren te beschermen, worden de dieren in quarantaine verpleegt.


* Ernstig zieke honden en katten kunnen een dusdanig slechte doorbloeding van de darmen krijgen, dat ze zwarte ontlasting krijgen. De behandeling bestaat uit het opsporen en wegnemen van de oorzaak van de problemen en het ondersteunen van de patiënt.


* Honden met een ernstige maagdarmontsteking kunnen zwarte ontlasting krijgen. Bij de meeste honden die een hemorrhagische (bloederige) gastro-enteritis (maag-darmontsteking) ontwikkelen, komt de ziekte als een donderslag bij heldere hemel. De hond was gezond en is binnen enkele uren ernstig ziek. De hond komt niet meer overeind en produceert een sterk ruikende waterdunne (zwarte of roodgekleurde) diarree. Bij bloedonderzoek valt op dat de hond is ingedroogd (hoge Ht-waarde, veel rode bloedcellen). De hond ontwikkelt hierna een forse bloedarmoede en de eiwitconcentraties in het bloed dalen gevaarlijk.

Zonder intensieve behandeling zal een hond snel komen te overlijden. Met een intensieve behandeling herstellen de meeste honden na één tot anderhalve week volledig.


Bovenstaande gevallen zijn overduidelijk acuut, en hierbij is dus dierenartsbezoek vereist.






Witte ontlasting met 'rijst' korreltjes

Witte korrels in de ontlasting die lijken op rijstkorreltjes duiden op een besmetting met lintworm. De ontlasting kan hierbij vast of slap/dun zijn.



Grijze of stopverfkleurige ontlasting

Grijzige, vettige ontlasting past bij een probleem met de alvleesklier. Dit kan acuut zijn of chronisch. Naast de grijze of stopverfkleurige ontlasting zien we ook buikpijn, lopen met een bolle rug om de buik te ontzien, koorts, gebrek aan eetlust, uitdroging, diarree, overgeven, bloed in de ontlasting, sloomheid of juist rusteloosheid. Niet alle symptomen hoeven we gelijktijdig te zien! Als je deze symptomen ziet bij jouw hond dan is het verstandig om dit zo snel mogelijk te laten onderzoeken bij de dierenarts. Acute pancreatitis kan namelijk erg vervelende gevolgen hebben, als orgaanfalen of septische shock.


Ik heb op 12 september 2018 een artikel geschreven op facebook met de titel: VRIJ VERTAALD: EXOCRIENE PANCREAS INSUFFICIËNTIE EN ANDERE SPIJSVERTERINGSKLACHTEN BIJ DE HOND. Mocht je meer willen weten over dit onderwerp en de symptomen, dan is dit misschien interessant om eens te lezen.



Roze of rode druppels in de ontlasting

Dit kan betekenen dat er bloed in de ontlasting aanwezig is. Hier komen we verderop nog op terug.



Slijm om de ontlasting

Technisch gezien is het geen kleur, maar misschien wel interessant om te weten. Slijm is een 'opschonings'-reactie en een teken dat het spijsverteringssysteem ergens vanaf probeert te komen, iets wil uitscheiden. Vaak zien we dan dat de ontlasting ingepakt lijkt in een vlies. Dit is een acuut iets en het lichaam lost dit zelf op.

Slijmerige ontlasting echter is iets anders. We zien dan ook andere symptomen als bijvoorbeeld verhoogde aandrang, persdrang terwijl er niks komt en soms ook wat bloed erbij. Er kan dan sprake zijn van een dikke darm ontsteking door parasieten of poliepen in de darm, maar ook door obstipatie of onvoldoende vezels in de voeding.



IS HET DUNNE- OF DIKKE DARM DIARREE?


Een belangrijke vraag bij diarree is waar het vandaan komt. Je wilt weten of het komt vanuit de dunne darm of vanuit de dikke darm. Maar waarom is dat interessant?

Nou, omdat de ene iets serieuzer is qua symptomen en oorzaak dan de ander.


Dikke darm diarree

Als de oorzaak van de diarree bij jouw hond zich in de dikke darm bevindt dan beweegt zijn darmstelsel zich sneller en hierdoor zal hij vaker moeten poepen. Heeft vaker aandrang. En vooral ook heel acuut; ik moet NU! En dan moet je ook snel zijn, omdat het dan ook zo ineens in huis gedaan kan worden. Deze ontlasting is vaak halfzacht tot zacht, met mogelijk wat slijm. Aan de buitenkant van de ontlasting kan wat bloed (of bloedspatten) te zien zijn.


Dunne darm diarree

Komt de oorzaak van de diarree vanuit de dunne darm dan zullen de bewegingen in het darmstelsel minder frequent zijn. Jouw hond heeft het beter onder controle, het vake ontlasten en het urgente zien we hier niet bij. Maar het kenmerk van dunne darm diarree is dat er geen opvallend bloed wordt gezien. En dat komt omdat het bloed verteerd wordt in de dunne darm. Hierdoor is het eenvoudig om te denken dat dunne darm diarree minder serieus is, minder gevaarlijk. Maar niks is minder waar. Het is eigenlijk veel serieuzer. Jouw hond verteert de meeste voedingsstoffen in de dunne darm. Als deze ontstoken is, kan hij geen voedingsstoffen opnemen. Voedsel zal dus te snel richting de dikke darm schieten.






Zoals gezegd gaan we het nog hebben over het waarom van bloederige ontlasting:



WAAROM ZIT ER BLOED IN DE ONTLASTING VAN MIJN HOND?


Bloed kan op verschillende manieren voorkomen in of op de ontlasting:


Helder rood bloed BIJ de ontlasting

Het bloed kan zich in sliertjes aan de oppervlakte bevinden, of een paar druppels aan het eind. Helder rood bloed in de ontlasting van de hond ziet er verontrustend uit, maar dit hoeft niet gelijk iets ernstigs te zijn. Er kan een gesprongen adertje in of nabij de anaalklier zijn doordat jouw hond veel kracht moet zetten om te poepen.

Op het moment dat er sprake is van grotere hoeveelheden bloed bij de ontlasting van je hond of het blijft bloeden dan is het wel aan te raden om naar de dierenarts te gaan voor onderzoek. Het is dan mogelijk dat er een maag/darmzweer is, of poliepen in de endeldarm. Ook deze kunnen helderrood bloed bij de ontlasting geven.


Zwarte teerachtige ontlasting

Deze heel donkerbruine tot zwarte ontlasting lijkt misschien onschuldig en je zou denken dat er niet veel aan de hand is. Toch kan het betekenen dat er bloed in de ontlasting aanwezig is, door bijvoorbeeld een slechte doorbloeding in het maag/darmstelsel. Dit kan ontstaan door ontstekingen in maag en/of darmen, een inwendige bloeding, het inslikken van voorwerpen, een tumor, enzovoort. We kunnen het ook zien bij dieren die ernstig ziek zijn of in shock verkeren.

Het bloed heeft zich vermengd met de ontlasting en omdat de oorzaak zich al vaak vroeg in het maag/darmstelsel kan bevinden is het bloed niet meer helder rood maar heel erg donker.

Laat het duidelijk zijn dat dit een serieus iets is en dat onderzoek meteen vereist is.


Ontlasting als aardbeienmilkshake of aardbeienjam

Ontlasting als een aardbeienmilkshake zien we wanneer bloed gemengd is en gedeeltelijk verteerd is in de stoelgang. De ontlasting ziet eruit alsof het rode of roze werveltjes heeft of een soort van rood/roze gevlekt is. Het ziet er anders uit dan het uiterlijk van aardbeienjam. Dit kan ook roze of rood zijn, maar is vaster van vorm. Het kan allebei wijzen op Hemorrhagische gastro-enteritis (HGE). Honden met een ernstige maagdarmontsteking kunnen zwarte ontlasting krijgen.  Bij de meeste honden die een hemorrhagische (bloederige) gastro-enteritis (maag-darmontsteking) ontwikkelen, komt de ziekte als een donderslag bij heldere hemel.

De hond was gezond en is binnen enkele uren ernstig ziek. Er is sprake van zeer heftige ontstekingen. De hond komt niet meer overeind en produceert een sterk ruikende waterdunne (zwarte of roodgekleurde) diarree. Verdere symptomen die we hierbij kunnen zien zijn verlies van eetlust of verminderde eetlust, roodheid van het mondslijmvlies, bloed braken, snelle pols, koliek/buikpijn, uitdroging en wanneer dit niet snel wordt behandeld zelfs coma of de dood.

Niet alle symptomen hoeven gelijktijdig op te treden. Ga daar dus ook zeker niet op wachten.

Bij bloedonderzoek valt op dat de hond is ingedroogd (hoge Ht-waarde, veel rode bloedcellen). De hond ontwikkelt hierna een forse bloedarmoede en de eiwitconcentraties in het bloed dalen gevaarlijk. Zonder een intensieve behandeling kan een hond snel komen te overlijden. Met een intensieve, gerichte behandeling herstellen de meeste honden na één tot anderhalve week volledig.

Ook hier geldt dus weer: zie je ontlasting die eruit ziet als aardbeienmilkshake of aardbeienjam of andere van de hierboven genoemde symptomen: als een speer naar de dierenarts!

 


OORZAKEN VAN DIARREE


Diarree of overgeven zijn eigenlijk een geheel natuurlijke reactie van het lichaam. Het wil van ballast af of van toxische stoffen. Als dit een enkele keer gebeurt dan moeten we dit natuurlijke proces ook zijn gang laten gaan. We moeten dit niet willen stoppen met allerlei pilletjes, poedertjes of drankjes. Wij mensen geven ook wel eens over. Een borreltje te veel, iets verkeerds gegeten, noem maar op. Dan nemen we toch ook niet gelijk een heel arsenaal aan medicijnen? Laat het lichaam dit zelf oplossen; weg is weg.

Er zijn een aantal redenen waarom een dierenlichaam dit doet. Sommige ervan zijn acuut; het komt en het gaat snel. Andere zijn chronisch; dus langdurig, aanhoudend en steeds terugkerend. Hieronder zien we een overzicht met meest voorkomende oorzaken en het type diarree wat hierbij past.


Acute diarree


* Eten van dingen die niet eetbaar zijn of verkeerd vallen

Sommige honden hebben de neiging dingen te eten die niet eetbaar zijn (pica) als bijvoorbeeld afval, papier, vetbollen voor de vogels, kattengrit, enzovoort. Of er wordt iets gegeten wat compleet verkeerd valt (humane voeding, bedorven voedsel of kadavers). Het kan ook gebeuren bij dieren die ineens heel grote hoeveelheden van hun eigen voedsel binnen krijgen. Denk aan de hond die de zak brokken weet te openen en zich tegoed doet aan een grote hoeveelheid voeding in een keer).




* Extreme beweging

In 2015 deed dr. Dobias de ontdekking dat er link was tussen het type beweging wat een hond krijgt en het ontstaan van diaree. Hij kwam hierachter doordat zijn eigen hond diarree ontwikkelde in bepaalde situaties. Met name wanneer er met hem was gespeeld.

Nog opvallender: vooral wanneer er werd gegooid met de ballenwerper. Hij realiseerde zich dat de energie in het ruggemerg van zijn hond het verteringssysteem beinvloedde. Als zijn hond heel fanatiek had gespeeld, werd het deel bij de laatste lendewervel belemmerd en deze belemmering had vervolgens weer invloed op de werking van het spijsverteringssysteem.

De energiestroom loopt ook bij de hond van kop tot staartpunt. Deze energiestroom vloeit ook mee in extreme activiteiten, wanneer veel wordt gevraagd. Maar als dit wordt verstoord kan dit gevolgen hebben voor de werking van (onder andere) de organen. Dr. Dobias liet zijn hond verder onderzoeken en daaruit bleek dat er gevoeligheid en hitte was rondom de laatste lendewervel, in het gebied van de karteldarm. Ook werd er ongemak ondervonden in het gedeelte waar de dunnen en dikke darm bij elkaar komen. 

Extreme beweging kan blessures en trauma veroorzaken. Dit trauma kan leiden tot verstrakken van de lumbaal spieren. Het lumbale deel van het ruggemerg staat in verbinding met de karteldarm en dunne darm.

Dat betekent dus dat er in dit deel minder energie kan stromen. Voorbeelden van activiteiten die dit soort trauma kunnen veroorzaken, zijn glibberen en uitglijden, herhaaldelijk snel wenden en keren, overbelasting van de lumbale spieren, steeds opnieuw afzetten en opspringen, overmatig sprinten, lange zwemsessies, sportblessures en uiteraard herhaaldelijk gooien met een bal of stok.

Honden houden ervan om te spelen (de meeste dan), maar de huidige huishond heeft heel andere activiteiten dan bijvoorbeeld een wilde (zwerf)hond of wolf. Onze honden maken vele malen vaker de zelfde bewegingen achter elkaar. Je zult een wolf echt geen twintig minuten achter een bal aan zien rennen. Hij zal hoogstens even een sprintje trekken om een konijn te scoren, maar als hij er achter is dat het niet wat gaat worden dan zal hij uit zichzelf hier ook weer gewoon mee stoppen.

Een wolf gaat lang niet zo snel over zijn grenzen qua bewegen als de tegenwoordige huishond, waarbij het jagen achter een bal zelfs al snel obsessief kan worden.

Je kunt het een beetje vergelijken met een tennisarm bij een tennisser; herhaaldelijk dezelfde bewegingen kunnen ook bij de hond heel makkelijk onbalans en blessures veroorzaken.


Chronische diarree


* Inflammatory Bowel Disease (IBD - chronische darmontsteking)

IBD is een aandoening die zeer vaak voorkomt bij zowel de hond als de kat. Bij IBD is er een chronische ontsteking in de maag, dunne darm en/of dikke darm aanwezig. Er zijn verschillende types IBD, afhankelijk van het soort en de ernst van de ontsteking.

Eigenlijk is de diagnose IBD een grote kapstok waar alle chronische maag-darm ontstekingen onder vallen.

Er zijn verschillende oorzaken mogelijk. Dit kan bijvoorbeeld een chronische parasitaire infectie zijn, een voedingsallergie of overgevoeligheid, het kan immuungerelateerd zijn (auto-immuunziekte) of idiopatisch, wat niks anders betekent dan: oorzaak onbekend..

De symptomen die we zien bij IBD gaan van geregeld diarree en braken tot ernstige diarree, braken, vermageren en algeheel ziek zijn.

De diagnose IBD wordt vooral gesteld door veel onderzoek. Door uitgebreid bloedonderzoek, ontlastingsonderzoek en eventueel echografisch en radiologisch onderzoek worden alle andere mogelijke oorzaken van diarree uitgesloten.

De diagnose IBD kan alleen gesteld worden via endoscopie. De maagwand kan een ontstoken beeld geven en darmen kunnen verkorte of afwijkende vlokken hebben. Via endoscopie wordt weefsel afgenomen voor onderzoek. Dit laatste geeft de definitieve diagnose van IBD bij de hond of kat.

IBD komt voor in verschillende vormen. De mate van ontsteking wordt ingedeeld van mild, matig ernstig tot ernstig. Daarnaast wordt er een indeling gemaakt naar welke ontstekinscellen gevonden worden. Hierbij kun je het volgende onderscheiden: lymfocytaire ontsteking, lymfoplasmacellulaire ontsteking, eosinofiele ontsteking en combinaties van deze drie.


 

Zowel acute als chronische diarree


* Bacteriele infecties veroorzaakt door bijvoorbeeld Leptospirose (ziekte van Weil), Colibacillose (een ziekte die veroorzaakt wordt door colibacteriën, bijvoorbeeld Escherichia coli - E-Coli - of de Enterococcus), Clostridium perfringens (belangrijke veroorzaker van Colitis - darmontsteking) en Salmonella


* Virale infecties kunnen worden veroorzaakt door Hondenziekte (ziekte van Carré of Canine Distemper  - wordt veroorzaakt door een virus dat ontstekingen kan geven van de neus, luchtwegen, longen, maag en darmen), Canine Corona virus (overgedragen door ontlasting eten van honden die besmet zijn, met als gevolg koorts, diarree en verminderde eetlust), Canine adenovirus type 1 (vroeger ook wel ‘ziekte van Rubarth’ genoemd - met lusteloosheid, gebrek aan eetlust, hoge koorts, vergrote lymfeklieren, braken/diarree, vergrote lever) en Parvo (Canine Parvovirus (CPV-2) - algehele malaise, apathie, diarree met bloed, braken, koorts, lichtroze/witte slijmvliezen, spierzwakte en uitdroging)






Stress

Stress kan de bewegelijkheid van de darm vergroten. Door het versnellen van de voedselbolus door de darm is er sprake van onvoldoende vertering van het voedsel met als gevolg diarree, winderigheid en irritatie van de dikke darm.

Stress bij honden kan allerlei oorzaken hebben. Teveel alleen zijn, geen rekening houden met raseigenschappen en karakter waardoor het dier tekort wordt gedaan, overvragen, te hoge verwachtingen, teveel prikkels, onderdrukking, mishandeling, pijn, spanning door drukte binnenshuis, onweer, vuurwerk, bezoek of op bezoek gaan, angst, bang alleen gelaten te worden, niet genoeg rust ervaren, verandering in de thuissituatie als een overlijden, verhuizing, vakantie, enzovoort.

Stress hoeft niet alleen als negatief benoemd te worden. Het moment dat de hond weet dat er gewandeld gaat worden kan positieve stress opleveren bijvoorbeeld. De uitwerking op de darmen echter kan hetzelfde zijn met dunnere ontlasting of diarree als gevolg.

Naast deze vormen van stress bij honden kun je het verschijnsel ook nog onderverdelen in acute stress of chronische stress. Acute stress is hierbij redelijk ongevaarlijk te noemen, omdat het wellicht heftig is, maar zeer kort duurt. Dit zal op lange termijn niet per definitie blijvende gevolgen hoeven hebben in de meeste gevallen (tenzij het uitmondt in een trauma).

Chronische stress zorgt voor veel druk bij de hond, die voortdurend aanhoudt. Het lichaam zal continu in de verdediging zijn en is eigenlijk vooral bezig met overleven. De hond kan gevoeliger worden voor ziektes. Het lichaam functioneert namelijk niet meer naar behoren. De overlevingsfunctie wordt het belangrijkste, waardoor andere functies naar de achtergrond verdwijnen. Het voedsel zal bijvoorbeeld minder goed verteerd worden en het immuunsysteem functioneert niet meer zoals het zou moeten. Dit kan echt grote gevolgen hebben, zowel fysiek als mentaal.


Parasieten

Een parasitaire besmetting kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt door wormen, maar ook door Giardia. Giardia is een veel voorkomende infectie. Honden die met Giardia besmet raken worden niet altijd ziek. Met name jonge honden en honden met een verminderde weerstand krijgen klachten in de vorm van diarree en braken. Met behandeling is de prognose gunstig maar herinfectie kan optreden.

De Giardia parasiet die in de darmen zit noemen we een trophozoiet. Deze trophozoieten worden via de ontlasting uitgescheiden. Na een korte periode als in de buitenwereld te zijn geweest zal deze trophozoiet een wand om zichzelf maken en een oöcyst gaan vormen. Dit zijn een soort eitjes die twee (nog niet volledig complete) trophozoieten bevatten. In deze vorm kan de oöcyst lange tijd overleven (meerdere maanden).

Als een hond of kat een oöcyst binnen krijgt  zal de wand van de oöcyst verteren en komen de twee trophozoieten vrij waarna er een besmetting kan plaatsvinden. Honden en katten kunnen zich dus besmetten met Giardia met name door indirect contact met ontlasting van andere dieren, bijvoorbeeld op grasvelden en wegen.

Symptomen van Giardia zijn diarree, buikpijn, winderigheid, slijm bij de ontlasting en sloomheid. Niet alle symptomen hoeven gelijktijdig aanwezig te zijn.

Mocht je aanwijzigingen hebben om te denken dat er bij jouw hond sprake is van Giardia of een wormbesmetting, laat dan een ontlastingsonderzoek doen bij je dierenarts of bij het Woud, parasitologisch centrum. Ga in geen geval zomaar antibiotica geven of een chemisch wormmiddel. Meten is immers weten.


Acute of chronische ontsteking van de alvleesklier (pancreas)

De alvleesklier (pancreas) is een belangrijk orgaan in de buikholte van de hond. De alvleesklier bevindt zich onder de maag en naast de 12-vingerige darm (duodenum). De alvleesklier heeft twee grote functies:

Exocriene functie: Het produceren van vloeistof met verteringsenzymen en elektrolyten. Deze vloeistof wordt in de darm afgegeven en draagt bij aan de vertering van voeding. De verteringsvloeistof wordt gevormd door cellen in de alvleesklier en via een afvoergang wordt de vloeistof afgegeven aan de 12-vingerige darm. De enzymen en elektrolyten zorgen voor de eerste stappen van de vertering en voor het neutraliseren van het maagzuur.

Endocriene functie: Het produceren van de hormonen insuline en glucagon. Deze hormonen zorgen voor een stabiele bloedsuikerspiegel. De cellen die de hormonen insuline en glucagon produceren zijn andere cellen dan de cellen welke verteringsvloeistof maken. De hormoon-producerende cellen liggen in groepen en worden de Eilandjes van Langerhans genoemd.


Er kunnen verschillende problemen ontstaan met de alvleesklier.

* Ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis). Deze ontsteking kan chronisch of acuut zijn.

* Abces van de alvleesklier.

* Tumor van de alvleesklier, meestal een adenocarcinoom. Dit komt niet vaak voor bij honden.

* Atrofie (verschrompeling) van de alvleesklier; dit kan een erfelijke afwijking zijn of een gevolg van een chronische ontsteking).

* Obstructie van de afvoergang van de alvleesklier (exocriene pancreas).

* Hyperplasie van de alvleesklier (meestal zonder functie verlies of klachten).

* Exocriene Pancreas Insufficiëntie (EPI).


Symptomen van een alvleesklierontsteking:

Een alvleesklier ontsteking kan acuut of chronisch zijn. Bij een acute alvleesklier ontsteking zijn de klachten meestal pas kort van duur en heel heftig. Het kan heel snel gaan. Bij een chronische alvleesklier ontsteking zijn de klachten al langere tijd aan de gang en mild, waardoor eigenaren soms niet in de gaten hebben dat er iets serieus speelt. De klachten van een alvleesklier ontsteking kunnen heel verschillend zijn:

Geen eetlust, braken, stopverfkleurige ontlasting, buikpijn (lopen met een bolle rug), diarree, uitdroging, vermagering en koorts. Bij een chronische pancreatitis zien we soms ook IBD.




Voeding

Als je een hond hebt die overgevoelig reageert op bepaalde voedingsmiddelen dan kan dat een heel scala aan reacties geven. Dit kan gaan van maag/darmklachten als acute of chronische diarree tot huidklachten als jeuk en haarverlies. Tijdens een voedingsconsult wordt uitgebreid bekeken wat de symptomen zijn, wat de medische geschiedenis aangeeft, hoe lang de symptomen bestaan, wat het dier momenteel eet en wat er uiteraard verder nog gebruikt wordt aan (reguliere) middelen als vaccinatie, ontworming en vlooien/tekenbestrijding.

Heel vaak komen we tot de conclusie dat het de moeite waard is om te starten met een verandering van voeding. Voeding die niet past bij het spijsverteringssysteem, voeding met veel ballaststoffen of voedingsmiddelen die eigenlijk meer bedoelt is voor humaan gebruik gaan we vervangen voor meer passende voeding. Ditzelfde geldt uiteraard voor de tussendoortjes, als de hond deze krijgt. Opvallend is dat we vaak al snel verandering zien, met name bij jonge dieren. Het is wel de bedoeling dat wanneer de voeding wordt veranderd, ook de randzaken aandacht krijgen. Alle voorwaarden moeten goed zijn. Het is water naar de zee dragen als je verandert van voeding maar andere ballast als wormmiddelen en chemische vlooien/tekenmiddelen wel als belasting van het lichaam blijft gebruiken.

Je kunt pas 100% uitsluitsel krijgen als je alles mee neemt. En: geen hond of kat is het zelfde. Wat voor het ene dier de juiste voeding blijkt te zijn, kan bij een ander dier nog steeds reacties geven. Ga dus niet teveel op het advies van de buurvrouw af, en luister niet alleen naar tips van anderen op internet. Bespaar jezelf en je dier tijd en energie en pak het hierbij vanaf het begin goed aan.



WAAROM GEEN ANTIBIOTICA BIJ DIARREE GEBRUIKEN?


Heeft jouw hond diarree? Niet gelijk in de paniek schieten! We gaan hier een aantal natuurlijke remedies bespreken die heel goed in te zetten zijn, maar laten we eerst eens bespreken waarom het niet nodig is om meteen richting dierenarts af te reizen.

Ga je naar de dierenarts met jouw hond die diarree heeft, dan zul je hoogstens naar huis gaan met een handvol poedertjes, pilletjes of drankjes. Waarschijnlijk antibiotica, wat er voor zorgt dat jouw hond met een paar dagen van zijn diarree af is.

Dat doet het vermoedelijk ook, maar.. dat is ook het enige wat er gebeurt. Antibiotica is niet altijd de beste oplossing, het kan zelfs meer schade aanrichten dan je denkt. En deze schade kan ook nog eens blijvend zijn, waardoor de darmen nooit echt zullen genezen.

Overigens wordt er regulier ook vaak Kaopectate of Pepto-Bismol voorgeschreven bij diarree. Gebruik dit liever niet! Deze reguliere medicatie bevat salicylaat, een groep chemicaliën die zijn afgeleid van salicylzuur. De synthetische vorm wordt vaak gebruikt als conserveermiddel in medicijnen en kan bij gevoelige dieren gasvorming, buikpijn en diarree veroorzaken.


Diarree betekent 'doorvloeien'. Het komt uit het Grieks, waarbij dia 'door' betekent en ree komt van rhein, wat 'vloeien' betekent. Zoals al gezegd is het de manier voor het lichaam om van ballast en gifstoffen af te komen. Medicatie hierbij gebruiken werkt alleen onderdrukkend. Op de lange termijn heelt het niks.


Er zijn een paar situaties waarbij het verstandig is om naar de dierenarts te gaan:

* als jouw hond lethargisch is

* als jouw hond een opgeblazen buik heeft, veel vocht vast houdt

* als jouw hond herhaaldelijk over geeft

* als jouw hond herhaaldelijk (of veel) bloed in de ontlasting heeft

* als jouw hond iets heeft gegeten waarvan je weet dat het giftig is, bijvoorbeeld rattengif


De meeste acute diarreeperiodes duren een dagen of twee, drie. En deze kun je prima thuis zelf behandelen. Laten we eens kijken welke stappen kunnen worden ondernomen om dat te doen.






VIER STAPPEN OM DIARREE TE STOPPEN


Stap 1: Vasten

De meeste honden vasten al uit zichzelf als ze buikpijn hebben of zich niet lekker voelen. Als dit gebeurt, ga jouw hond dan niet pushen om te eten. Heb jij een hond die gewoon door blijft eten? Dan zou je hem een periode kunnen laten vasten, zo'n 6-12 uur bijvoorbeeld.

Heb jij een hond die gevoelig is voor lage bloedsuikerwaardes? Geef dan elk uur een klein hapje zuivere bijenhoning.

Heel belangrijk: niet vasten bij puppies! Ga bij puppies gelijk door met stap 2.

Zodra de hond niet meer overgeeft en de diarree lijkt minder te worden, dan kun je heel kleine beetjes bone broth (bottenbouillon) gaan geven. Dit kun je zelf maken maar ook kant en klaar kopen. Bottenbouillon bevat een mooie mix van voedingsstoffen die het spijsverteringssysteem niet belasten maar wel weer helpen opbouwen.


Stap 2: Voeding weer opbouwen

In de volgende dagen kun je voorzichtig aan de normale voeding weer gaan toevoegen. Reguliere dierenartsen geven nogal eens advies om gekookte kip met rijst te gaan voeren. Gekookte kip is nog tot daar aan toe (mits jouw hond niet gevoelig reageert op kippeneiwit) maar rijst voegt echt niks toe. Het is een leuk vulmiddel, maar ook hier kan op worden gereageerd en het lichaam doet er verder niet veel mee.


Stap 3: De darm weer in balans brengen

Je kunt prebiotica en probiotica gaan geven. Dit helpt de populatie goede bacterien weer in balans te krijgen.

Probiotica: onderzoek heeft uitgewezen dat probiotica het immuunsysteem een boost kan geven zodat het hele lichaam hierdoor ondersteunt wordt. Het helpt de darmvoering te herstellen en weer op te bouwen. Het ondersteunt het darmslijmvlies en repareert de darmcellen.

Probiotica is niet alleen te gebruiken bij diarree. Je kunt het ook af en toe geven als kuur om het immuunsysteem een boost te geven, of wanneer jouw hond onverhoopt toch antibiotica moet gebruiken. Geef het dan wel op een ander tijdstip als de antibiotica.

Prebiotica: prebiotica zijn onverteerbare vezels, op 'doorreis' naar de darm. Daar eenmaal aangekomen fermenteren ze tot korte keten vetzuren (SCFA). Dit ondersteunt de darm door de groei van foute bacterien tegen te gaan, ze bieden een energiebron voor de darmcellen, en waken over electrolyten en vochthuishouding.

SCFA's houden de darmen van jouw hond in werking. Als ze in de darmen aanwezig zijn, helpen ze de darmflora gezond te houden.

Gebruik probiotica en prebiotica altijd tegelijk. Prebiotica voedt de probiotica en maakt het meer effectief. Zou je alleen prebiotica geven dan voedt je daarmee ook de foute bacterien in de darm, met diarree tot gevolg. Dus: altijd samen gebruiken!

Het is overigens wel goed om te kijken WAAROM je probiotica en prebiotica wilt gebruiken en in welk geval. Er zijn namelijk situaties waarbij je beter even kunt wachten omdat het lichaam nog niet in staat is het op juiste manier te gebruiken, bijvoorbeeld bij een lekkende darm. Overleg dit met iemand die er verstand van heeft.

Veel prebiotica supplementen bevatten FOS (fructo-oligosaccharide) of bietenpulp. Bietenpulp kan opgeblazenheid, winderigheid en duizeligheid veroorzaken. Je kunt ook kiezen voor natuurlijke prebiotica. Enkele voorbeelden hiervan zijn:

* Chichorei wortel

* Knoflook

* Lariks arabinogalactan

* Kalkoenstaart paddestoelen

* Kliswortel

* Paardenbloemblad






STAP 4: Gebruik natuurlijke supplementen bij diarree


Stap 1 t/m 3 zijn bedoeld om de diarree te laten stoppen. Maar je zult ook moeten zorgen dat het lichaam weer heelt, weer geneest. Hieronder zie je een aantal natuurlijke middelen die het lichaam helpen om te genezen.


Rode iep

Rode iep is een mild kruid dat verzachtend werkt op de slijmvliezen. Het is veilig en effectief in gebruik om te zorgen dat het spijsverteringssysteem weer tot rust komt. 


L-glutamine

L-glutamine is een aminozuur wat de darmcellen helpt genezen. Het ondersteunt het immuunsysteem en versterkt de darmbarrière.


Heemst

Nog een waardevol kruid wat helpt om het maagdarmstelsel tot rust te brengen na diarree.


Verteringsenzymen

Veteringsenzymen verbeteren de spijsvertering. Start voorzichtig, een teveel kan gasvorming en opgeblazenheid veroorzaken.

Ik heb op 10 december een blog geschreven over verteringsenzymen. Misschien interessant om ook eens te lezen en te kijken of jouw hond hier behoefte aan zou kunnen hebben.


Bach Bloesem Remedies

Stress kan diarree triggeren, en dan is het misschien goed om eens te kijken wat Bach Bloesem Remedies hierbij kunnen doen om te ondersteunen. Bloesem remedies zijn gemaakt van extracten van bloemen en inzetbaar bij fysieke en mentale symptomen.


Homeopathie

Homeopathie kan diarree stoppen, maar is ook zeker goed in te zetten bij herstel na diarree. Een aantal voorbeelden van homeopathische middelen hierbij zijn arsenicum album, pulsatilla, fosfor, mercurius, china, nux vomica en sulphur.


Ik noem hierboven geen hoeveelheden. Wil je weten of deze middelen bij jouw hond inzetbaar zijn, neem dan contact op met een goed geschoold homeopaat, Bach Bloesem therapeut of natuurgeneeskundig therapeut.

Geen hond is gelijk, iedere hond reageert weer anders op middelen en dat geldt ook voor natuurproducten. Baadt het niet dan schaadt het niet gaat ook hier niet altijd op.


Als jouw hond gezond is en een sterk immuunsysteem heeft, dan kunnen bovenstaande natuurlijke middelen prima helpen om binnen een paar dagen weer van de diarree af te zijn.

Zie je na een paar dagen toch nog steeds diarree en voelt jouw hond zich nog niet goed, dan is het verstandig om toch iets meer te gaan ondernemen. Een wormonderzoek bijvoorbeeld. Of zoek een goede voedingsdeskundige om te kijken of er qua voeding het nodige moet veranderen. Ook een klassiek homeopaat of natuurgeneeskundige kan je ongetwijfeld verder helpen en heeft de kennis in huis om te beoordelen of het verstandig is om medisch onderzoek te laten doen.

Gelukkig lost het lichaam de meeste diarreeklachten vaak uit zichzelf op als het daar de kans voor krijgt. Vergelijk het met jezelf; heb je een keer diarree, dan ren je ook niet gelijk naar de huisarts of apotheek om van alles te halen, toch? Vaak ben je er met een paar uur of hooguit een dag of paar dagen weer vanaf.

Het is een manier van het lichaam om van rommel af te komen, en geef dat lichaam dan ook de kans dit te doen. Ga het niet onderdrukken, probeer het niet te versnellen, dat heeft helemaal geen zin. Ga hooguit na waar het door gekomen is.

Doe dat bij jezelf, maar doe het ook bij je hond.






Wees echter ook reeel; heb je een pup, dan onderneem je sneller iets omdat jonge honden nou eenmaal gevoeliger zijn voor uitdroging. Het proces verloopt bij pups sneller. Volwassen honden kunnen vaak iets meer hebben, dus wat meer geduld hoeft bij hen niet gelijk tot paniek te leiden. Misschien kun je met de informatie uit dit artikel ook eerst inschatten om wat voor soort diarree het gaat en vervolgens bedenken of het nodig is hulp in te schakelen.

Ik wil met dit artikel aangeven dat er heel veel verschillende oorzaken achter diarree kunnen zitten. Steeds terugkerende diarree staat niet altijd op zichzelf, er kan kan een belangrijke oorzaak achter zitten die de gezondheid van jouw dier serieus kan beinvloeden.

Je kunt dan natuurlijk elke keer weer die diarree 'behandelen' als op zichzelf staande iets, maar het kan ook heel goed een teken zijn van het lichaam wat jouw wil vertellen dat er meer achter zit. En dan is het verstandig hier eens wat meer tijd aan te besteden en te kijken of het mogelijk is om dit (op natuurlijke wijze) te gaan behandelen, in plaats van het lichaam met chemische middelen als maar meer te gaan belasten.

Laat alles goed op een rij zetten door iemand die er kijk op heeft en die ervaring heeft met spijsverteringsklachten, voeding, belasting van het immuunsysteem en (heel belangrijk) een holistische kijk op de zaken: iemand die het dier ziet als 1 geheel.

Die verder kijkt dan de klachten die het dier laat zien..

CHEMISCH ONTWORMEN; LESS IS MORE!

Geplaatst op 14 december, 2020 om 5:00 Comments reacties ()




CHEMISCH ONTWORMEN; LESS IS MORE...


Vraag me niet waarom, misschien komt het omdat er tijdens deze Corona-crisis meer honden worden 'aangeschaft', maar de laatste maanden hoor ik veel mensen met het grootste gemak praten over het ontwormen van honden en katten. Hoeveel van jullie heeft het standaard in de agenda staan?

Soms komt het terloops in een gesprek naar voren, en andere keren vraag ik ernaar tijdens een consult. Opvallend vind ik dan dat er eigenlijk best met een soort van gemak over wordt gesproken, het wordt als vrij normaal gezien om honden en katten herhaaldelijk te ontwormen. Want ja... dat wordt gezegd. Zo hoort het toch?


Inderdaad, er wordt ons gezegd dat we honden en katten minimaal 4-6 keer per jaar moeten ontwormen. Niet met als hoofdzaak om deze dieren gezond te houden maar vanwege de volksgezondheid. Wij mensen kunnen namelijk ook door bijvoorbeeld spoelwormen besmet worden.

Jaren geleden is er een telling geweest van spoelworm-eitjes en men heeft hierop besloten dat 4-6 keer per jaar ontwormen nodig was om deze eitjes te doen verminderen. Enige tijd geleden zijn opnieuw de eitjes geteld, en de hoeveelheid was dus niet verminderd. Idee is nu om het aantal keren ontwormen nog wat verder op te schroeven, maar hier is 'men' nog mee bezig...


Ik vind het schrikbarend, maar ik hoor zelfs dat mensen het advies krijgen om 1 x per maand te ontwormen! Dit zijn dan vooral honden die vers eten en waarbij volgens 'kenners' de kans op wormen extra groot is. Laat je niet voor de gek houden, ik ga je uitleggen hoe groot de onzin van deze zogenaamde adviezen is.

De gevolgen van dit ontwormen voor de gezondheid van honden en katten wordt nogal onderschat, vind ik. Laat ik eerst opmerken dat het regelmatig ontwormen van hond en kat door de reguliere geneeskunde wordt gezien als actie met als doel preventief te werken.


Dit bestaat echter niet; wanneer honden en katten vandaag een wormmiddel krijgen dan doodt dit alleen de wormen die er op dit moment zijn. Het is een momentopname. Jouw dier kan dus morgen gewoon weer besmet raken. Er is dus niks preventief aan het ontwormen van onze dieren.


Daarnaast is het goed bewust te zijn van de belasting die wormmiddelen vormen voor het lichaam van onze honden en katten. Door het ontwormen krijgen de dieren geen kans immuniteit op te bouwen, omdat steeds weer opnieuw door de chemische belasting (lees: giftige stoffen) het immuunsysteem onder druk wordt gezet.

Ontwormen van hond of kat brengt de darmflora van slag en dit wordt niet alleen keer op keer overhoop gehaald, bij veelvuldig ontwormen tast je ook de darmvoering aan. Juist die darmvoering is zo belangrijk voor een goede gezondheid (immers: een goede gezondheid begint in de darmen). Het vormt een barrière tegen ziekmakende stoffen, dus is het heel belangrijk om de darm in goede conditie te houden. Zo min mogelijk belasten dus.


Helaas leggen veel mensen geen link tussen het gebruik van wormmiddelen en symptomen die hierna kunnen optreden, zoals sloomheid, spiertrillingen, ataxie, braken, diarree, gebrek aan eetlust, kwijlen, enzovoort. Dit zijn reacties van het lichaam op de ontwormingsmiddelen. Pure chemische belasting dus en bezwaarlijk voor de gezondheid.

Overigens niet overbodig om te noemen dat dit voor meer middelen geldt: antibiotica, vaccinaties, vlooienmiddelen, noem maar op. Heel vaak ook gewoon makkelijk gegeven terwijl dieren chronisch ziek zijn, huidklachten of spijsverteringsklachten hebben, enzovoort.

Het immuunsysteem van deze dieren is al zo druk met reageren, en dan komt dit er ook nog eens bij bovenop.


Ik wil hiermee zeker NIET zeggen dat we dan maar gewoon radicaal niets meer moeten doen. Ik hoop alleen dat steeds meer mensen zich bewust gaan worden van alles wat honden en katten binnen krijgen en wat voor belasting dit kan vormen. Niet alleen op korte termijn, maar zeker ook op lange termijn.

Iets meer verdiepen in hoe het ook anders kan en beseffen dat 'less' ook 'more' kan zijn..

Tot zover deze inleiding :)

Nog even volhouden, ik hoop dat je je aan het eind van dit artikel bewust bent van het feit dat ontwormen niet bij de maandelijkse routine hoort.






 

EEN NATUURLIJKE VISIE OP ONTWORMING


 

Dit had misschien ook wel als Deel 1 en Deel 2 gekund, maar het staat er nou eenmaal. Even hard houden en je bent erdoor :) Of anders een tip: print het uit, en lees het wanneer het je uitkomt. Bewaar je het voor Kerst, heb je gelijk iets te doen.


 

Zou jij zien wanneer je hond wormen heeft? Het antwoord hierop is vaak ‘ja hoor, dat kun je prima zien.’ Maar dat is niet zo. Veel soorten wormen zijn niet met het blote oog te zien, en wormeitjes al helemaal niet. Wanneer je zeker wilt weten of er wormen zijn, dan kun je via internet een ontlastingskit bestellen bij Parasitologisch Centrum Het Woud (uitslag via email) of bij ons in de winkel. Ook kun je de ontlasting laten nakijken bij je dierenarts. Dit is een mooi en uiteraard veel gezonder alternatief dan standaard elke drie maand een wormmiddel toedienen.

Tenslotte neem je zelf ook niet iedere ochtend een aspirientje om te voorkomen dat je hoofdpijn krijgt, toch?



Soorten wormen


Er zijn verschillende soorten wormen die verschillende soorten symptomen kunnen geven. Het goede nieuws is: er zijn natuurlijke manieren om van wormen af te komen en/of het inwendige milieu van jouw dier onaantrekkelijk te maken voor parasieten. Je hoeft niet gelijk naar chemische middelen te grijpen dus.

Voordat we het gaan hebben over de natuurlijke middelen heb ik hieronder vermeld wat je zou kunnen zien bij jouw dier als teken dat er wormen aanwezig zijn (let op, symptomen kunnen ook duiden op iets anders.

Hoe meer overeenkomsten hoe groter de kans dat het wormen zijn). Sommige wormsoorten veroorzaken meer duidelijke symptomen dan andere.


* Afwisselende of frequente diarree

* Mogelijk koorts

* Likken en bijten aan de achterkant van het lichaam

* Met de anus over de grond schuren (sleetje rijden)

* Heel veel honger of juist weinig eetlust

* Lethargie (sloom, duf, niet alert)

* Heel veel slijm om de ontlasting

* Gewicht verliezen

* Hoesten

* Je zou bij hele duidelijke aanwezigheid kromme wormpjes of ‘rijstkorrels’ kunnen zien


Zie je dus deze symptomen, dan is het goed om een ontlastingscheck te laten doen. Als jouw dier positief test op wormen (of andere parasieten) dan is het goed te weten welke soort het is, zodat je precies op die betreffende soort kunt behandelen. Ik zal je hieronder laten zien welke soorten er zijn en wat ze doen.



Rondwormen

Rondwormen leven en reproduceren zich in de dunne darm en zijn zo’n 2,5-18 cm lang. Ze lijken op spaghetti. Rondwormen hebben microscopisch kleine eitjes, jouw dier kan ze makkelijk oplopen in de omgeving, of door het eten van besmet wild als vogels of knaagdieren.

Voor de meeste dieren zijn rondwormen een laag risico en veroorzaken weinig tot geen problemen. Heb je een dragend teefje, dan kan zij ze wel doorgeven aan de pups gedurende de zwangerschap en bij pups zijn ze wel bezwaarlijker. Het kan diarree en overgeven veroorzaken, met als gevolg ondervoeding en groeiachterstand.

Symptomen van een rondwormbesmetting zijn: een dikke buik, lethargie/zwakte, diarree, overgeven, buikpijn, doffe vacht en gewichtsverlies.


Haakwormen

Haakwormen leven ook hoofdzakelijk in de dunne darm. Ze zijn grijs en zo’n 1-2 cm lang. De voorkant van deze worm heeft een haak. Deze bevestigt zich aan het darmslijmvlies, waar het zich voedt met het bloed van jouw dier.

Dieren kunnen haakwormen gewoon via de aarde/grond krijgen, via de bek of de voetzolen. Veel honden ontwikkelen een immuniteit tegen haakwormen. Honden waarbij het immuunsysteem erg onder druk staat kunnen gevoeliger zijn voor besmetting. De gewoonlijke symptomen bij een haakwormbesmetting zijn diarree en overgeven. Zogende dieren kunnen de besmetting doorgeven via de moedermelk.

Dit kan chronische diarree veroorzaken, vaak met bloed en slijm. Ook bloedarmoede wordt hierbij gezien. Symptomen van bloedarmoede kunnen zijn: zwakte, depressie, lethargie en bleke slijmvliezen.


Zweepwormen

Zweepwormen hechten zich vast aan het slijmvlies van de blinde darm en dikke darm. Hier voeden ze zich met het bloed van jouw dier. Ze zijn zo’n 5-7,5 cm lang, kegelvormig aan één kant. Zweepwormeitjes komen binnen via de grond/aarde of water waarin zich ontlasting bevindt wat besmet is.

Symptomen van een zweepwormbesmetting zijn overgeven, diarree en gewichtsverlies. Zweepwormeieren kunnen lang overleven, dus er is een mogelijkheid dat er een nieuwe besmetting openbaart na behandeling.


Lintwormen

Lintwormen zijn lange, platte wormen die zich hechten in de darmen. Als jouw dier een lintwormbesmetting heeft is het mogelijk dat je dit in de ontlasting ziet als stukjes die lijken op rijstkorrels. Ook zien we het regelmatig aan de achterkant bij de anus.

Er zijn zo’n veertien verschillende types lintworm. Vlooien dragen lintwormeitjes bij zich, dus als jouw dier vlooien heeft dan is de kans reëel dat er ook sprake is van lintworm. Lintworm-fragmentjes (de ‘rijstkorrels’;) op zichzelf zijn niet besmettelijk.

Jouw dier kan lintworm oplopen door het eten van tussengastheren als vlooien, knaagdieren, wilde konijnen en zelfs grotere dieren die besmet zijn. Een dier wat besmet is met lintworm hoeft geen symptomen te laten zien. Na verloop van tijd kan de vacht er doffer uit gaan zien, hij kan wat eetlust verliezen of wat afvallen.


Giardia

Giardia is een parasiet die leeft in de darmen. Ik heb hier even geleden een stuk over op facebook geplaatst dus als je hier meer over wilt lezen wil ik je hiernaar verwijzen.

Jouw dier kan giardia oplopen via de grond/aarde, door het likken aan of het eten van besmette ontlasting of het drinken van water wat besmet is door menselijke of dierlijke ontlasting. Veel dieren laten weinig tot geen symptomen zien, terwijl andere dieren chronische, wisselende diarree krijgen. Vooral pups zijn erg gevoelig voor een Giardia-besmetting.


Coccidia

Coccidia zijn eencellige parasieten die zich verschansen in de wand van de darmen en die, vooral bij jonge dieren, kortdurende serieuze diarree kunnen geven. Serieus omdat het zelfs tot uitdroging en zeer ernstig voedingstekort kan leiden, met de dood tot gevolg.

De diarree gaat meestal binnen enkele weken over, maar de eitjes kunnen nog jaren in de omgeving aanwezig blijven en andere dieren besmetten. Veel volwassen dieren laten geen symptomen zien, maar kunnen de besmetting overdragen via de ontlasting. De bekendste Coccidia zijn Toxoplasma, Neospora, Cryptosporidium en Cystoisospora.





 

Waarom geen chemische middelen?


Geen reguliere ontworming? Ook niet als er een besmetting is? Klopt.

Er zijn veel verschillende soorten ontwormingsmiddelen verkrijgbaar en net als iedere andere drug/medicijn, kunnen er heel makkelijk bijwerkingen optreden. De FDA (Food And Drug Administration) heeft van de werkstoffen in wormmiddelen de bijwerkingen opgeslagen die zijn genoemd na gebruik. Ook de werkstoffen worden genoemd.


Fenbendazol: dit ingredient vinden we terug in onder andere Panacur en Drontal Plus. De meest genoemde bijwerkingen zijn overgeven, depressie/lethargie, diarree, vermagering, jeuk, zwelling van de kop en anafylactische shock.


Pyrantel: ook deze stof zien we in Drontal Plus. Genoemde bijwerkingen zijn overgeven, diarree, depressie/lethargie, anorexia en zelfs 204 gemelde dieren in Amerika die acuut zijn overleden na toediening..


Praziquantel: eveneens een stof in Drontal Plus en Droncit, met dezelfde bijwerkingen als Pyrantel. Gemeld overlijden na toediening: 13.


Combinatie medicatie: sommige fabrikanten combineren de stoffen in reguliere wormmiddelen met hartwormmedicatie. Het wordt dan op de markt gebracht als alles in één oplossing tegen hartworm en andere wormen. Het voorschrift is dan om dit maandelijks toe te dienen. Wanneer je dit doet, dan ‘behandel’ je je dier compleet onnodig dus voor iets wat hij helemaal niet heeft! Slechte zaak. Voorbeelden van merken zijn Panacur Plus, Heartguard Plus en Tri-heart Plus.


 

Wormpreventie


Een belangrijk uitgangspunt ter preventie en eventueel behandeling van wormen/parasieten is een gezond immuunsysteem. Een dier met een goede weerstand is minder aantrekkelijk voor parasieten. Zal er minder hinder van ondervinden en het makkelijker te boven kunnen komen. Veel honden krijgen zo af en toe een paar wormen.

Is jouw dier gezond, dan zal hij hier niet ziek van worden. Soms gaat een besmetting weer voorbij zonder dat je er erg in had.

Ongeveer 80% van de weerstand bevindt zich in de darmen. Voer jouw dier de voeding die het beste bij hem past. Wil je hier meer over weten, of vraag je je af of je iets zou kunnen veranderen aan de voeding van jouw dier, neem dan gerust contact met me op.

Ook belangrijk is het algemeen welzijn van jouw dier. Vermijd (indien mogelijk) reguliere medicatie (als antibiotica en vaccinaties) en blijf ver weg van chemische vlooien- en tekenmiddelen. Ook hier heb ik een artikel over geplaatst op facebook, lees het gerust eens door.

Zorg dat je tuin gevrijwaard blijft van ontlasting en probeer eventuele ontlasting van andere dieren (en mensen, want ook dat lijkt de laatste tijd steeds normaler te worden) zoveel mogelijk uit de weg te gaan.






Voeding om het gevecht tegen wormen aan te gaan


 

Hieronder lees je over een aantal voedingsmiddelen die je kunt geven om preventief iets te ondernemen tegen inwendige parasieten, maar ook bij eventuele aanwezige wormen.


Fruit en groente

 

* Gemalen rauwe wortelen

* Waterkers

* Bladgroente

* Pompoen

* Venkel

* Papaya


Ik ga hier geen hoeveelheden noemen. Elke situatie is anders, elk dier is anders. Uiteraard kan iedereen dit zelf via dr. Google uitpluizen, maar als je graag wilt weten hoeveel jouw dier van bepaalde fruit- en groentesoorten mag hebben dan vraag het me gerust via een mailtje of pb.


Gedroogde kokosnoot

Gedroogde kokosnoot kan heel mooi als wormmiddel dienen tegen lintworm.


Probiotica en verteringsenzymen

Probiotica zorgen voor een goede balans in gezonde darmbacteriën. Het kan jouw dier helpen het immuunsysteem te versterken en zo minder aantrekkelijk te zijn voor wormbesmettingen of er sneller weer vanaf te komen. Wees niet te snel met probiotica, in bepaalde gevallen is probiotica niet het aangewezen product om te geven omdat er nog teveel in het lichaam gaande is wat eerst moet worden aangepakt.

Wil je weten of probiotica bij jouw dier geschikt is of wil je weten hoeveel je moet geven? Neem dan contact met me op. Een voorbeeld van goede probiotica is kefir.

Verteringsenzymen zorgen voor een goede ondersteuning van het verteringssysteem, om op snelle manier van wormen af te komen.


Appelazijn

Een zuurder inwendig milieu vernietigt parasieten. Zij leven graag in een omgeving die niet zo zuur is. Appelazijn kan inwendig worden gevoerd, maar ook uitwendig worden toegepast als natuurlijke vlooien- en tekenbestrijding. Kies voor troebele appelazijn, het liefst biologisch. Let wel goed op bij dieren die gevoelig zijn voor oxalaatvorming (door te zure urine). Hierbij is het niet verstandig de urine nog verder te verzuren.


Kruiden

LET OP: MET UITZONDERING VAN POMPOENZAAD EN ZWARTE KOMIJN MOGEN DEZE KRUIDEN NIET AAN DRAGENDE OF ZOGENDE DIEREN WORDEN GEGEVEN!

Neem voor dosering contact op met een holistisch werkend therapeut die kennis heeft van kruiden voor dieren.


Pompoenzaad: rauwe, organische pompoenzaden kunnen preventief tegen wormen worden gebruikt, maar ook wanneer er een besmetting is. Gebruik ze gemalen door het voer van jouw dier.


Zwarte komijnzaad: wordt gebruikt bij alle soorten wormen als heel zaad of als olie.


Knoflook: in gematigde hoeveelheid kan ook knoflook worden gegeven. Knoflook kan helpen het immuunsysteem te versterken en te helpen bij wormbesmettingen en giardia. Onderzoek in Amerika heeft laten zien dat knoflook dezelfde wormwerende en vernietigende werking heeft als Ivermectine. Het bevat allicine, wat het geschikt maakt om van haakwormen en rondwormen af te komen. Gebruik verse knoflook, maar doe dit wel in overleg met iemand die er kennis van heeft. Knoflook mag niet worden gegeven aan dieren die Cyclosporine of bloedverdunners gebruiken!


Diatomeeenaarde: is werkzaam tegen veel wormen, maar laat niet voldoende werking zien bij lintworm. Gebruik altijd foodgrade diatomeeenaarde. Het stuift nogal, dus zorg ervoor dat het goed gemengd is met de voeding. Op de slijmvliezen werkt het namelijk zeer drogend en dit kan irritatie veroorzaken. Ook voor vlooien (en dus lintworm) kan het worden gebruikt door het voorzichtig in de vacht te masseren.


Kamille: dit kruid kan worden ingezet tegen rondwormen en zweepwormen. Zowel preventief als bij een besmetting. Het werkt niet zo snel als andere kruiden maar is wel effectief en heeft ontstekingsremmende eigenschappen. Het kan de darmen kalmeren wanneer er sprake is van gasvorming of kramp. Kamille kan makkelijk worden gebruikt als tinctuur.


Kruidnagel: heel geschikt bij microscopisch kleine parasieten als coccidia en giardia. Heel fijngemalen vernietigt het de eitjes van de parasieten. In grote hoeveelheden werkt kruidnagel toxisch. Geef het dus alleen in overleg met een goed geschoold holistisch therapeut.


Olijfblad: olijfblad drijft parasieten uit het darmkanaal. Het is wel belangrijk olijfblad te nemen met een goede concentratie werkzame stoffen. Dit kan worden toegepast in een kuur van een week of acht.


Neem: voor alle inwendige parasieten, behalve lintworm.


Rode Iep: mild laxerend om wormen uit het systeem te krijgen. Het verzacht ook irritaties die wormen hebben veroorzaakt in het darmkanaal.


Het is goed om, wanneer u de kruiden toepast, dit in fases te doen. Bijvoorbeeld tien dagen, dan vijf dagen niet, en dan weer tien dagen. Uiteraard is het verstandig om na een behandeling nogmaals de ontlasting te laten checken om te kijken of alles weg is.


 Spagyriek

Ook in de spagyriek zijn er mooie middelen om in te zetten bij parasieten (in- en uitwendig). Een voorbeeld hiervan is Spagyriek Parasiet Complex. In te zetten bij mensen, dieren en planten. Hierover heb ik een artikel op de facebookpagina geschreven. Lees dit gerust eens door om te zien wat het kan doen bij jouw dier.


Homeopathie

Er zijn verschillende klassiek homeopathische middelen die kunnen worden gebruikt bij wormbesmettingen en/of het versterken van het immuunsysteem. Omdat elk dier anders is, en wat anders nodig heeft is dit een behandeling op maat. Neem hiervoor dus gerust contact op.


Overig

In onze natuurwinkel hebben wij ook hele mooie producten van Hond & Gezondheid. Deze supplementen zijn 100% natuurlijk en vers bereid. Een voorbeeld is Maag & Darmen in Balans, wat bestaat uit gemalen pompoenpitten, kruidnagel, rozenbottel heel, gember, diatomeeënaarde, mariadistelzaden.

Daarnaast is er Verm-x, een voedingssupplement in de vorm van een koekje, wat ervoor zorgt dat het inwendige milieu onaantrekkelijk wordt voor parasieten.


Ongetwijfeld zal er nog meer zijn wat gebruikt kan worden. Ik wilde de meest toegepaste supplementen, kruiden en dergelijke noemen. Dat is gebeurd. Kijk of het je aanspreekt, of je er iets mee kunt. Maar vooral; of je je kunt vinden in mijn mening dat chemisch ontwormen niet DE oplossing is. Dat het echt bezwaarlijk is voor jouw dier, en het dus ook zeker gevolgen voor de gezondheid kan hebben. Laten we er niet te licht over denken..






Ik heb dit artikel vertaald uit Dog's Dogs Naturally Magazine en aangevuld met mijn eigen 'visie' :)


HEEFT JOUW HOND BAAT BIJ VERTERINGSENZYMEN?

Geplaatst op 10 december, 2020 om 0:55 Comments reacties ()



HEEFT JOUW HOND BAAT BIJ VERTERINGSENZYMEN?


Heb jij weleens overwogen om jouw hond verteringsenzymen te geven? Misschien denk je dat dit helemaal niet nodig is?

De voeding gaat er in en na verloop van tijd komt er een deel weer uit, prima toch? De rest is dan toch door het lichaam keurig opgenomen? Nou.. niet altijd. Het kan best zijn dat de vertering (en de opname van voedingsstoffen) best nog iets beter kan. Dat hij best een beetje hulp kan gebruiken om dit te bereiken.

De reden waarom kan heel verschillend zijn. We gaan het in dit artikel dus eens even hebben over verteringsenzymen en wanneer je deze zou kunnen inzetten.



WAT ZIJN VERTERINGSENZYMEN?


Jouw hond produceert op natuurlijke wijze verteringsenzymen. Het zijn niet de enige enzymen die het lichaam maakt, maar wel een van de meest belangrijke. Verteringsenzymen zijn eiwitten die helpen om de voedselmoleculen af te breken in kleinere stukjes. Hierdoor krijgt het lichaam meer mogelijkheid om voedinsstoffen op juiste wijze op te nemen.

Enzymen eindigen vrijwel allemaal op '-ase'. De meest belangrijke verteringsenzymen die jouw hond nodig heeft zijn:


* Protease: deze breken eiwitten af tot aminozuren, zodat het lichaam ze kan gebruiken

* Amylase: deze breken zetmeel af tot kleine koolhydraatmoleculen

* Lipase: deze helpen om vetten in de voeding af te breken

* Cellulase: deze breken vezels af uit planten en granen. Jouw hond heeft deze niet van nature in zijn lichaam, hier kom ik nog op terug


Verteringsenzymen komen normaal gesproken vanuit de pancreas (alvleesklier) van jouw hond. Wanneer de voeding door de dunne darm beweegt, geeft de pancreas verteringsenzymen vrij. Op dat moment breken ze de voedseldeeltjes af zodat het lichaam van jouw hond ze beter kan opnemen.


Dus: als jouw hond al deze enzymen aanmaakt, waarom zou je ze dan nog extra geven?!



WAAROM KAN JOUW HOND EXTRA VERTERINGSENZYMEN NODIG ZIJN?


Nou, er kan iets aan de hand zijn waardoor extra ondersteuning van verteringsenzymen welkom is. Hier kom ik nog op terug. Sterker nog; zelfs gezonde hond kunnen soms extra verteringsenzymen gebruiken omdat er sprake is van een enzymtekort.


Enzymtekort

Dr. Edward Howell was een ware pionier op het gebied van enzymen in de vroege 20e eeuw. Hij deed enorm veel onderzoek hiernaar. Hij ontdekte dat enzymtekorten niet ineens, maar in de loop van de tijd ontstaan. Bijvoorbeeld door gekookte voeding. Hij kwam tot de conclusie dat het leven van zowel mens als dier bij het continu koken/verhitten van voeding verkort werd door het ontstaan van bijvoorbeeld:

* lagere weerstand tegen stress en ziekte

* vergrote pancreas omdat deze gevraagd werd steeds meer enzymen aan te maken

* afname van de grootte van de organen, bijvoorbeeld de hersenen


Wat hij hiermee bedoelde was, dat we de enzymen die het lichaam maakt,  'opgebruiken'. We teren dus in op onze enzymvoorraad. En dat verkort ons leven. Het gebruik van extra voedingsenzymen vertraagt dit proces.

En wat voor ons mensen geldt, geldt ook voor onze honden.

Een reden voor een enzymtekort bij honden ligt in de voeding. In theorie zou het lichaam van jouw hond genoeg verteringsenzymen moeten produceren om alle soorten voedingsgroepen te verteren: eiwitten, koolhydraten en vetten. Maar door de moderne 'dieten' is dat helaas niet meer altijd het geval.






Wat holistische dierenartsen zeggen

De meeste honden eten verhit voedsel. Of dit nu brokken zijn, blikvoeding of zelf gekookt.

Dierenarts Dr. P.J. Broadfoot zei in een studie in 2018: 'Verteringsenzymen zijn nodig om de enzymen te vervangen die zijn verwoest door voeding te koken of anderzijds te behandelen. Het verhitten van voedsel op tenminste 48-54 graden gedurende slechts drie minuten kan zo goed als alle enzymenn vernietigen. Dit resulteert in slechts een kleine mate van voorvertering in de maag. Gevolg hiervan is dat de rest, een flinke massa, de dunne darm binnenkomt als grotendeels onverteerd. Hierdoor komen de pancreas en andere organen in het endocriene (hormonale) systeem onder grote druk te staan omdat ze uit het hele lichaam reserves moeten wegtrekken om maar te komen tot de goede hoeveelheid verteringsenzymen die nodig is om die massa te verteren'.


Jean Hofve DVM is het hiermee eens. In haar studie over verteringsenzymen uit 2013 schreef ze dat extra verteringsenzymen voor alle dieren eigenlijk standaard zou moeten zijn: 'Verteringsenzymen zijn goed voor dieren met pancreas- of spijsverteringsklachten, maar ook een zeer goede ondersteuning voor gezonde dieren die verhitte voeding eten'.

Daarnaast zegt ze ook: 'Recent onderzoek bij mensen met klachten aan het maag/darmstelsel, maar zeker ook gezonde mensen, laat zien dat het supplementeren van verteringsenzymen de vertering in de vaatholtes van de dunne darm enorm doet toenemen. Bovendien verhoogt het de opname van eiwitten. Met het oog op al die dieren die in hoge mate verhit voedsel krijgen, houdt dit in dat ook zeker gezonde dieren veel baat hebben bij extra verteringsenzymen. Het helpt de opname en vertering van voedingsstoffen te vergroten. Voedingsstoffen uit ALLE voeding!


Rauw-voerders, niet stoppen met lezen dus :) er wordt specifiek gezegd 'alle' voeding, want honden die rauw eten kunnen ook zeker baat hebben bij extra verteringsenzymen.

De manier waarop je jouw hond voedt en opvoedt kan soms situaties oproepen waarbij extra enzymen gewenst zijn.


Factoren bij enzymtekorten

* Als jouw hond voeding eet met heel veel koolhydraten dan kan het zijn dat hij voor deze hoeveelheid niet voldoende verteringsenzymen produceert om dit af te breken. Amylase helpt koolhydraten te verteren, maar honden maken niet heel veel hiervan aan.


* Behandelde of verhitte voeding is 'dode' voeding. De hoge druk en de hoge temperatuur die nodig is om brokken te maken vernietigen zo ongeveer alle levende enzymen die aanwezig zijn in de voedingsstoffen.


* De temperatuur die nodig is om blikvoeding te maken heeft dezelfde vernietigende eigenschappen. En daarnaast is blikvoeding echt 'dood', omdat het ook nog eens steriele voeding is.


* Als je een rauw voerder bent, dan weet je datgene voert wat het beste bij het spijsverteringssysteem past van jouw hond, een carnivoor (vleeseter). Je weet waarschijnlijk ook dat rauw vlees levende enzymen bevat. In de natuur pakken wolven naast het spiervlees, orgaanvlees en het bot ook de darmen en ingewanden van hun prooidier. Dit levert nog weer extra enzymen op. Onze huishond krijgt dit niet snel (over het algemeen..) terwijl dit juist een mooie aanvulling is op de al aanwezige enzymen in de rauwe voeding.


* Vaccinaties, medicatie, verhit voedsel en gefluoriseerd water kan de mogelijkheid van jouw hond om genoeg enzymen aan te maken, naar beneden brengen. Na verloop van tijd (niet meteen) kan dit een enzymtekort opleveren.


* Honden produceren minder enzymen naarmate ze ouder worden. Dit is geheel natuurlijk. Dan komen tekorten dubbel hard aan. Het lichaam kan dit niet altijd bijbenen. Oudere honden hebben dus een extra grote kans op een enzymtekort.






Enzymtekorten hebben invloed op het gehele hondenlichaam

Dus, ook jouw kerngezonde hond kan zijn enzymvoorraad opverbruiken. En dat kan invloed hebben op andere vitale processen in het lichaam:

* Immuunsysteem

* Uitscheiding van gifstoffen/ballast

* Hormoonregulatie

* Galblaas functie


Zoals je ziet wordt de galblaas genoemd. Een ogenschijnlijk klein en onbelangrijk orgaan. Maar deze is heel belangrijk in de vertering. Omdat het gal produceert, wat helpt vetten te verteren. Als de galblaas deze functie niet kan uitvoeren heeft jouw hond dus niet voldoende gal om alle vetten te verteren.

Dus, hoe kun je nou zien of jouw hond wel wat extra verteringsenzymen kan gebruiken?



SYMPTOMEN VAN EEN ENZYMTEKORT


Hieronder volgen een aantal symptomen die een hond kan laten zien wanneer er sprake is van een enzymtekort. Anders gezegd: mocht je deze symptomen zien bij jouw hond, denk er dan eens over om extra enzymen te geven.

* winden en boeren

* opgeven van onverteerd voedsel

* diarree en/of verstopping

* opgeblazen gevoel

* stinkende adem

* maagzuur/gal opgeven

* klotsende of rommelende buik

* buikpijn en/of kramp

* rottig stinkende ontlasting

* onverteerd voedsel in de ontlasting


Als je jouw hond herkent in deze symptomen dan kunnen extra verteringsenzymen een groot verschil gaan maken. Uiteraard is het wel belangrijk om te weten dat er niet een andere/serieuze aandoening onder schuilt. Dit artikel is niet bedoeld om ons er makkelijk af te maken, dus wees er wel zeker van dat overige ziektes worden uitgesloten.

Naast het feit dat jouw hond met deze symptomen zijn eigen voorraad enzymen uit kan putten, is het ook mogelijk dat hij een specifiek gezondheidsprobleem heeft waarbij onderstaande enzymen ondersteuning kunnen bieden:



VERTERINGSENZYMEN BIJ GEZONDHEIDSPROBLEMEN


We noemen hierna een aantal chronische klachten waarbij verteringsenzymen kunnen worden ingezet.


EPI (exocriene pancreas insufficientie)

EPI is een serieuze aandoening stopt met het produceren van verteringsenzymen. Het voedsel wordt hierdoor onvoldoende afgebroken en niet-afgebroken voedingsstoffen komen in de darm terecht waar ze veel vocht vasthouden. Dit resulteert in de productie van grote hoeveelheden ontlasting. In serieuze gevallen kan dit zelfs leiden tot uithongering, omdat de hond de voedingsstoffen niet kan opnemen.

Signalen van EPI zijn onbedwingbare honger, gewichtsverlies, lichtgekleurde (grijsachtig/piccalilly kleurige) ontlasting, soms diarree en/of erg vettige ontlasting. Niet alle symptomen treden altijd tegelijk op. Als je dit ziet bij jouw hond, laat dit dan zo snel mogelijk testen bij de dierenarts.

Honden met EPI ontwikkelen vaak een bacteriele overgroei in de dunne darm. Dat komt omdat bij EPI onverteerd voedsel de darmen passeert, waardoor bacterien in de dunne darm gevoed worden. Ze krijgen hier dus uitgebreid de mogelijkheid om zich te vermeerderen, terwijl dat normaal gesproken in de karteldarm gebeurt (waar ze horen te leven).

Het toevoegen van verteringsenzymen aan de voeding van de hond is hiervoor de aangewezen stap. Dit kan door middel van een poeder maar ook door rauwe pancreas. Ze worden het best bevochtigd gegeven en op kamertemperatuur. Geef je rauwe pancreas, ga dit dan nooit verhitten. De verteringsenzymen zullen ook dan weer vernietigd worden.

Verteringsenzymen kunnen ook helpen bij bacteriele overgroei. Doordat ze helpen de voedingsdeeltjes af te breken, verminderen ze vaak ook een opgeblazen gevoel, winderigheid, diarree of verstopping. De opname van voedingsstoffen wordt beter.


TIP: wil je probiotica gaan geven, geef dan aarde-producten. Dus organismen uit de grond, de aardbodem. Dit soort probiotica vormt sporen die in zijn geheel door de dikke darm en karteldarm bewegen. Hierdoor voeden ze dus niet de bacterien in de dunne darm. Veel andere probiotica doen dat wel en dat is juist niet wat we willen in dit geval. Een combinatie van humus en fulvinezuur is een mooi product om hierbij in te zetten.






Chronische pancreatitis

Pancreatitis betekent 'ontsteking van de pancreas'. En dit kan chronisch worden. Laat ik hierbij vermelden dat we het dus echt hebben over CHRONISCHE pancreatitis. Er is ook acute pancreatitis en hiervoor is gelijk hulp vereist van de dierenarts. Er is dan sprake van braken, koorts, veel pijn, sloomheid en uitdroging. In heel ernstige gevallen kunnen honden hieraan overlijden wanneer niet tijdig medische zorg wordt ingeschakeld. Dit is dus wat anders dan chronische pancreatitis, waar we het in dit gedeelte over hebben. Laat het belangrijk zijn om dit uit elkaar te houden.

De symptomen van chronische pancreatitis zijn:

* Lethargie of gebrek aan eetlust

* Meerdere malen/periodiek overgeven en/of diarree

* Buikpijn/rusteloosheid


Wanneer pancreatitis chronisch is, komen deze symptomen op en af naar boven. De heftigheid in vergelijking met acute pancreatitis is minder. Maar nog steeds net zo goed heel vervelend voor de hond en het moet dan ook zeker serieus worden genomen. Laat het niet sudderen, want het kan uitmonden in EPI of diabetes. Zoek dus een goede (holistisch) dierenarts en ondersteun jouw hond in de tussentijd met juist passende voeding. Beweeg naar behoefte, maar overvraag je hond niet. Vaccineer niet, omdat vaccinaties een belangrijke factor zijn bij ontstekingsreacties in het lichaam.

Naast andere supplementen heeft het lichaam van jouw hond behoefte aan verteringsenzymen. Aangezien de pancreas niet naar behoren functioneert, zal het namelijk niet de enzymen produceren die jouw hond nodig is en zal dit dus op een andere manier aangevuld moeten worden.


Andere spijsverteringsklachten en malabsorptie (aandoeningen waarbij opname van voedinsstoffen tekort schiet)

Verteringsenzymen kunnen ook heel goed ingezet worden bij verschillende andere klachten van het spijsverteringssysteem, of bij malabsorptie. Ze zijn hierbij een goede ondersteuning van het dieet. Bij deze klachten kunnen we dan denken aan:

* Leaky Gut Syndroom (lekkende darm)

* IBD (inflammatory bowel disease). Bij IBD gaan er teveel ontstekingscellen naar de darm, als (overdreven) reactie op bepaalde voedselbestanddelen of bacteriën in de darm (die bij een gezond dier geen problemen zouden geven). Dit kan zich overal in het maag-darmkanaal manifesteren, maar komen het meest voor in dunne en dikke darm. De meest voorkomende symptomen zijn braken, diarree, verminderde eetlust en vermageren. Maar de symptomen kunnen variëren, afhankelijk van de ernst van de ontsteking en de uitbreiding van de ontstekingscellen in de darm.

* Opgeven van maagzuur


Chronische gezondheidsklachten

Honden met voedselovergevoeligheden, allergieen, herhaaldelijke oorontstekingen of huidklachten kunnen ook zeker baat hebben bij het toevoegen van extra verteringsenzymen. Met in het achterhoofd de wetenschap dat dit soort klachten vaak voortkomen uit een verminderde darmgezondheid, is het dus een pre om de weerstand in de darmen te vergroten.

In principe kan elke chronische gezondheidsklacht een aanwijzing zijn dat jouw hond niet alle enzymen binnen krijgt die het nodig heeft. Denk even aan de keten van gebeurtenissen die plaatsvindt in het lichaam van jouw hond. Een gebrek aan verteringsenzymen leidt tot een gebrek aan voedinsstoffen. Dit veroorzaakt een gebrekkige darmgezondheid wat weer ontstekingen in het systeem kan opleveren, met chronische aandoeningen tot gevolg.

Veel chronische gezondheidsklachten kunnen baat hebben en verbeteren bij een betere opname van voedingsstoffen. En dat kan dus ondersteund worden door het geven van extra verteringsenzymen!

Goed, hoe maak je nou een keuze uit wat je gaat geven?







KIEZEN VAN GOEDE VERTERINGSENZYMEN


Als eerste: gebruik geen verteringsenzymen voor humaan gebruik! Jouw hond heeft andere verteringsenzymen nodig dus neem alleen enzymen die geschikt zijn voor veterinair gebruik.

Hieronder volgen een aantal goede producten die voorzien in de juiste verteringsenzymen:


Pancreas

Er zijn twee redenen om pancreas op te nemen als verteringsenzym. Als eerste: de pancreas geeft de meeste verteringsenzymen af die jouw hond nodig heeft. Omdat deze enzymen zich in de pancreas bevinden kan het supplementeren van pancreas belangrijke verteringsenzymen als protease, lipase en amylase leveren.

Ten tweede: het geven van pancreas kan de pancreas in het lichaam ondersteunen en er weer toe aanzetten zelf de verteringsenzymen weer te gaan aanmaken.


Papaine

Papaine is een enzym wat we vinden in de papaja plant. Het helpt bij het verteren van eiwitten. Sterker nog: papaja wordt vaak gebruikt om vlees malser te maken dus dat het vlees kan afbreken dat blijkt.. Het kan ook het immuunsysteem van jouw hond versterken en werkt anti-parasitair. Papaine wordt veel toegepast in medicijnen om zijn pijnstillende en ontstekingsremmende eigenschappen.


Bromelaine

Bromelaine komt van ananas. Het breekt eiwitten af en staat ook bekend om zijn eigenschappen pijn en zwelling te verminderen. Met name in de neus, bijholtes en tandvlees. Het kan ook brandwonden helpen helen en ondersteunend werken bij artritis en spierpijn.


Betaine HCL (hydrochloride)

Betaine HCL is de natuurlijke vorm van zoutzuur. Zoutzuur wordt geproduceerd in het spijsverteringsstelsel, waar het pepsine maakt. Dit enzym breekt eiwitten af, het geeft de productie van zoutzuur in de maag een boost, het kan helpen eiwitten te verteren en het stimuleert darmenzymen. Het ondersteunt verteringsenzymen en de microbiota (een verzameling van microben die op een bepaalde plek leven) in de darm.


Cellulase

Honden hebben van nature geen cellulase. Dit enzym komt voor in de magen van herkauwers. En toch kunnen veel honden dit goed gebruiken. Speciaal wanneer brokken worden gegeten. Cellulase helpt vezels af te breken. Veel brokken bevatten vezelachtige vullers als cellulose (wat eigenlijk zaagsel is). Een verteringsenzym als cellulase kan dus echt een must zijn om dit af te breken en de spijsvertering te ondersteunen. Het helpt jouw hond ook om granen en ander plantaardig materiaal in de voeding te verteren. Cellulase heeft daarnaast nog een ander voordeel: het helpt de bloedsuikerspiegel onder controle te houden.


Invertase

Invertase wordt gevonden in gist en pollen. Het is heel belangrijk voor de gezondheid van de spijsvertering. Het haalt suiker uit elkaar tot glucose en fructose, wat helpt om zetmeel/koolhydraten te verteren. Dit helpt om suikers uit het spijsverteringskanaal te halen, voordat ze kunnen fermenteren en klachten kunnen gaan veroorzaken. Invertase heeft ook antiseptische en antibacteriele eigenschappen en het verhoogt de immuniteit.


Ossengal

In het begin noemde ik de galblaas als belangrijk orgaan in het spijsverteringssysteem van jouw hond. De lever produceert gal, wat wordt opgeslagen in de galblaas. De galblaas geeft gal af na een maaltijd, om vetten af te breken in vetzuren voor de vertering. Gal helpt ook het bloedsuiker metabolisme te reguleren en elimineert afvalstoffen.

Als de galblaas niet genoeg gal produceert, en de vetten dus niet goed genoeg afgebroken kunnen worden, is het een idee om gal bij te gaan voeren. Ossengal in dit geval helpt ook bacterieovergroei, dus het kan ook nuttig zijn wanneer er een teveel aan bacterieen in de dunne darm aanwezig zijn.



HOE GEEF JE JOUW HOND ENZYMEN?


Nogmaals; gebruik enzymen voor dierlijk gebruik. Kant en klare verteringsenzymen worden gebruikt met voedsel. Je kunt er een beetje water bij gebruiken indien nodig. Als jouw hond EPI heeft, dan is het goed om de enzymen even te laten weken voor 20-60 minuten.

Onthou dat hitte enzymen vernietigt. Voeg ze dus nooit toe aan verwarmde voeding. En warm de voeding ook niet op nadat je de enzymen hebt toegevoegd.

Bijwerkingen worden niet vermeld, de enige bijwerking is een verbeterde spijsvertering. Mocht het toch gebeuren dat er meer ontlasting komt of gasvorming, minder dan de enzymen. Je bent dan te snel met te veel gestart. De spijsvertering krijgt een boost en dat moet rustig worden opgebouwd.

Wil je natuurlijke enzymen gebruiken uit natuurlijke voedingsmiddelen die enzymrijk zijn, kijk dan eens naar de volgende producten:






VOEDING RIJK AAN VERTERINGSENZYMEN


* Fruit als banaan, mango, papaja, ananas en kiwi

* Gember

* Honing

* Troebele appelazijn


Let op: gebruik fruit niet tegelijk met rauw vlees. Het fruit kan dan gaan gisten. Geef het een uurtje voor het eten of twee uur erna.


SAMENVATTEND:

Geef vooral extra verteringsenzymen aan honden die

* Brokvoeding of blikvoeding eten

* Allergieen, huidklachten of voedselovergevoeligheden hebben

* EPI, malabsorptie of andere spijsverteringsklachten hebben

* Chronische gezondheidsklachten hebben, inclusief artritis of andere bewegingsproblemen

* Ouder zijn

* Die gefluoriseerd water drinken (geef het liefst bronwater of gefilterd water)


Wanneer jouw hond de voedingsstoffen beter opneemt, dan zal hij alle voordelen ervaren van een goede spijsvertering. En dat betekent een sterker immuunsysteem, een betere weerstand en minder chronische klachten.


Dus welk gezondheidsissue er ook speelt: denk altijd aan spijsverteringsenzymen!






(Ik heb dit artikel vertaald uit Dog's Naturally Magazine, alwaar het geschreven is door Julia Henriques)

SCHILDKLIERKLACHTEN BIJ DE HOND

Geplaatst op 6 december, 2020 om 10:30 Comments reacties ()



SCHILDKLIERKLACHTEN BIJ DE HOND


Zou jij het herkennen als jouw hond schildklierklachten had?

Vaak zien we wel de meest bekende klachten. Dit zijn dan dikker worden, sloomheid en haarverlies. Waarschijnlijk zul je je hond dan meenemen naar de dierenarts, maar vaak wordt pas op schildklierklachten getest als ook echt die klachten zichtbaar zijn. Dat zijn de symptomen waar reguliere dierenartsen zich aan houden. Maar dit is echt niet altijd zo duidelijk.

En vaak wordt de schildklier in de reguliere bloedtesten niet eens meegenomen. Hierdoor kan dan makkelijk de diagnose worden gemist en een behandeling worden ingezet die niet gebaseerd is op de werkelijke oorzaak.

We gaan dus in op schildklierklachten bij de hond, en daarbij dan de meest voorkomende: de traag werkende schildklier. We gaan symptomen zien waar we op moeten letten, we gaan het hebben over het testen op een trage schildklier en er komen een aantal natuurlijke behandelwijzen aan bod. Maar eerst, wat is de schildklier en wat doet 'ie?



DE SCHILDKLIER

De schildklier is een kleine vlindervormige klier die zich bevindt aan de basis van de neck, naast de luchtpijp van jouw hond en vlakbij de stembanden. De schildklier regelt de stofwisseling van het lichaam, oftewel de activiteit van de cellen in het lichaam. De schildklier produceert hormonen onder invloed van de hersenen (de hypofyse-hypothalamus). Deze hormonen heten T4 en T3. Zij hebben invloed op het energieniveau, de huid, de vacht, de temperatuur en het gewicht. Maar dat is niet alles, en hier komen we later nog op terug. De schildklier is een heel belangrijke klier. Maar hij werkt niet alleen.


DE HHS-AS

De schildklier werkt samen met twee andere klieren, beide aanwezig in de hersenen: de hypofyse en de hypothalamus. Samen met de schildklier vormen zij de HHS-as. Zij hebben allen een functie:

* De hypothalamus scheidt TRH hormoon af.

* TRH stimuleert de hypofyse om TSH hormoon vrij te laten komen.

* TSH triggert vervolgens de schildklier om T4 en T3 hormoon af te geven, waarvan T4 meer dan T3. Hierdoor worden de stofwisseling en de groei beinvloedt.


Wat gebeurt er als dit proces niet goed verloopt?



WAT IS EEN TRAAG WERKENDE SCHILDKLIER?


Van de schildklierklachten is een traag werkende schildklier de meest voorkomende. Dit ontstaat wanneer de schildklier niet voldoende van het T4 hormoon kan aanmaken. Dit vermindert de stofwisseling van het dier. Dit kan op verschillende manieren gebeuren.


* Primaire schildklierproblemen:

Primaire schildklierproblemen zijn over het algemeen immuungerelateerd. Het wordt ook wel lymfatische schildklierontsteking genoemd. Dit gebeurt wanneer het lichaam van de hond zijn eigen schildklier en hormonen als vijand gaat zien. Het gaat antistoffen aanmaken om de cellen van de schildklier aan te vallen en te vernietigen. Deze aanvallen veroorzaken vervolgens littekenweefsel en dit leidt tot een verminderde functie van de schildklier.

Dr. Jean Dodds is een expert op het gebied van schildklierklachten bij honden. Volgens haar is 90% van de schildklierklachten inmiddels autoimmuun.


* Secundaire schildklierproblemen:

Ik schreef boven over de HHS-as. Wanneer deze niet naar behoren werkt, krijgt de schildklier de signalen niet op een juiste manier door. Dit kan al beginnen bij de hypothalamus. Als deze niet voldoende TRH produceert krijgt de hypofyse geen 'opdrachten' binnen. Vervolgens zal de hypofyse op zijn beurt niet genoeg TSH produceren waardoor de schildklier niet weet wat het moet doen.

Dat betekent niet dat de schildklier op zichzelf kapot is. Dr. Marty Goldstein zei het op een leuke manier: als je een broodrooster hebt gekocht en je bent de stekker kwijt dan kun je geen brood roosteren. Ook al is met het broodrooster zelf niks mis. Op dezelfde manier kan de schildklier dus prima in orde zijn, maar door omstandigheden de boodschappen niet goed doorkrijgen.






EN EEN VERSNELDE SCHILDKLIERWERKING? (HYPERTHYRYODIE)


Het tegenovergestelde van een trage schildklierwerking is een versnelde schildklierwerking. Dit zien we bij honden weinig, bij katten echter veel meer. Het houdt in dat er te veel T4 hormoon wordt aangemaakt, waardoor de stofwisseling versneld wordt. Het lichaam raakt afgemat. Symptomen die we dan zien is gewichtsverlies, angst, spanning, diarree enzovoort.

Nogmaals, het komt bij honden vrij weinig voor. Als we het wel zien, dan is er vaak sprake van schildklierkanker of het ontstaat omdat er teveel medicatie wordt gebruikt voor een te trage schildklier.


Voedingsgerelateerde versnelde schildklierwerking?

Er gaat nog een andere theorie rond over een versnelde schildklierwerking. En die wordt gerelateerd aan rauwe voeding. Een klein onderzoek jaren geleden onderzocht 12 honden die allemaal klinische symptomen lieten zien van een versnelde schildklierwerking. Al deze honden werden rauw gevoerd. Deze voeding bevatte ook slokdarm en luchtpijp.                                    

Na wijzigen van het menu verminderden bij alle honden de symptomen. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat de voeding schildklierweefsel bevatte. Dit moest dus voedingsgerelateerde versnelde schildklierwerking veroorzaken.


Geen paniek.


De onderzoekers kwamen ook tot de ontdekking dat wolven en coyotes in de natuur dit probleem niet hadden. Ze sloegen er een onderzoek uit 1898 (ja ja, toen al!) op na en vonden het volgende:

* Het voeren van 100% verse schildklier aan verschillende dieren had niet geleid tot problemen, maar...

* Wanneer dit weefsel voor ten minste 24 uur werd ingevroren, kreeg het toxische (giftige) eigenschappen.

De onderzoekers trokken dus als eindconclusie dat thyreotoxicose (een lichamelijke toestand waarbij er teveel schildklierhormoon in het lichaam aanwezig is) te wijten kan zijn aan het overkoelen, te lang koelen of te koud koelen. Dit kan thuis gebeuren, maar ook al in het slachthuis.

Maar nu terug naar waar het artikel over gaat: een te traag werkende schildklier.



RASSEN MET EEN AANLEG TOT HET ONTWIKKELEN VAN EEN TE TRAAG WERKENDE SCHILDKLIER


Er zijn een aantal rassen die een erfelijke aanleg kunnen hebben om een te trage schildklier te ontwikkelen:


- Golden Retriever

- Dobermann Pincher

- Ierse Setter

- Mini Schnautzer

- Teckel

- Cocker Spaniel

- Airedaile Terrier


Mocht je een ras hebben wat hierboven is genoemd, dan zou je goed kunnen opletten wanneer symptomen zich openbaren. Al is erfelijkheid natuurlijk niet de enige oorzaak.






OORZAKEN VAN EEN TE TRAAG WERKENDE SCHILDKLIER


Wat zegt de reguliere dierzorg hierover? Nou, dit antwoord is niet heel helder. De Merck Veterinary Manuel omschrijft het als volgt: De twee meest voorkomende oorzaken van primaire schildklierklachten zijn lymfatische schildklierontsteking (immuun gerelateerd dus) en idiopatische verschrompeling van de schildklier. Idiopatisch is echter niks anders als 'we weten de oorzaak niet precies...

Merck Veterinary Manuel zegt over secundaire schildklierklachten dat de oorzaak te maken heeft met de vernieling van schildklierhormoon door een groeiende, ruimte innemende tumor. Dat betekent dus een grote tumor die ruimte wegneemt bij de hypofyse en dit veroorzaakt mankementen waardoor het produceren van hormonen stil komt te liggen.

Deze genoemde redenen weerleggen echter geen echte oorzaken. Deze worden nergens genoemd.

Holistische dierenartsen hebben een andere mening en zijn ervan overtuigd dat er wel degelijk oorzaken genoemd kunnen worden voor schildklierklachten.



WAT KAN LEIDEN TOT SCHILDKLIERKLACHTEN?

EEN HOLISTISCHE VISIE


Laten we eens kijken wat de holistische dierenartsen hierover zeggen.


* Medicatie, vaccinatie en voeding

Dr. Marty Goldstein geeft de pharmaceutische producten (met het oog op de erfelijkheid) de schuld. Hiermee bedoelt hij dan de gevoeligheid voor vlooien- en tekenmiddelen en hartworm producten. Daarnaast dus ook de vaccinaties en dan specifiek de restanten van weefsels en andere chemicalien die zich in de vaccins bevinden.

Vaccins kunnen in het algemeen natuurlijk verschillende autoimmuunziektes triggeren. Zware metalen en andere toxische ingredienten zijn dan met name de boosdoeners. Wanneer je iets rechtstreeks in de bloedbaan injecteert ga je pal door de huid, terwijl deze er juist voor bedoelt is om toxische stoffen van buitenaf tegen te houden. Heel tegennatuurlijk dus.


Dr. Richard Pitcairn geeft aan dat er verschillende factoren zijn die autoimmuunziektes kunnen veroorzaken. Schildklierklachten horen hier ook bij. Hij noemt als voorbeelden de samengestelde vaccinaties (cocktails), het gebruik van cortisonen om verschillende symptomen te onderdrukken en commerciele dieetvoedingen.


* Onkruidverdelgers en bestrijdingsmiddelen

Volgens dr. Patricia Jordan zijn onkruidverdelgers en bestrijdingsmiddelen een ander groot probleem bij het ontwikkelen van schildklierklachten. Ze besmetten de voeding, de lucht en het water. Deze gifstoffen verstoren de schildklierwerking en verminderen de opname van jodium, zo belangrijk bij een goede werking van de schildklier. D onkruide omstreden onkruidverdelger Round Up is bekend om zijn eigenschappen die de hormonen verstoren.


* Halsbanden

Dr. Jean Dodds waarschuwt dat slipkettingen, halfslipkettingen permanente beschadiging aan de schildklier kunnen veroorzaken. Eigenlijk kan dit zelfs al gebeuren door een brede leren halsband. Trauma en een 'in de lijn hangende' trekkende hond zijn voldoende om beschadiging van de schildklier te bereiken. Om over de nek en de luchtpijp nog maar niet te spreken. Het is dus veiliger om een tuig te gebruiken.


* Gifstoffen in de omgeving

Dr. Tamara Hebbler gelooft dat veel gifstoffen in onze omgeving schildklierklachten kunnen veroorzaken. Zij doelt hierbij op teveel oestrogeen in het lichaam door plastic en bestrijdingsmiddelen, electromagnetische frequenties, zware metalen en fluoride in drinkwater.

Zo ongeveer elke andere gifstof in de omgeving van jouw hond kan hormoonklachten in het algemeen veroorzaken. Denk hierbij aan:

* BPA uit plastic waterflessen en voedselcontainers

* Phtalaten uit drinkwater in flessen, opgeslagen voeding, verpakkingen van voeding en hondenspeelgoed (!)

* Polychloorbifenyl bevindt zich nog steeds in de omgeving, al is het al sinds de 70-er jaren verbannen

* PBDE of polygebromeerde difenylether, wat we vinden in vlamvertrager. Dit vinden we in meubels, electronica en stoffen

* Triclosan, een krachtige en veel gebruikte bacteriedodende en schimmelwerende stof. Gebruikt als conserveermiddel in keukengerei en schoonmaakmiddelen

* Phenolen uit bestrijdingsmiddelen en onkruidverdelgers

* Perchloraten, chemische verbindingen in grond en grondwater en ook gevonden in melk, flessenwater, bier en wijn.






SYMPTOMEN VAN EEN VERTRAAGDE SCHILDIERWERKING BIJ HONDEN


Volgens Dr. Dodds komen veel meest bekende symptomen van een trage schildklier pas naar boven als 70% van de schildklier al beschadigd is. Het is daarom belangrijk om de vroege symptomen te herkennen:


Klassieke symptomen:

* Toename van het gewicht

* Haarverlies en/of een dunner wordende vacht

* Slechte huid

* Sloomheid

* Slecht(er) tegen kou kunnen


Maar wat zijn nou de symptomen die we al eerder kunnen zien?


Gedrag:

* Chagrijnig worden/korter lontje

* Spanning

* Angst of fobie

* Agressie

* Depressie

Zeg dus niet 'het is een gedrags-dingetje' want er kan echt meer achter zitten.


Uiterlijk:

Een verandering in het uiterlijk, het voorkomen van jouw hond, kan een teken zijn van schildklierklachten. Gewichtstoename bijvoorbeeld, vooral zonder dat je iets gewijzigd hebt in het menu, is een belangrijk symptoom.

Maar ook het gezicht van jouw hond is belangrijk! Maak regelmatig foto's, en kijk of je verschil kunt zien in uitdrukking en de vorm van het gezicht. Je kunt gaan zien dat jouw hond gaat fronzen of dat zich een kloof boven de ogen gaat ontwikkelen.


Andere symptomen:

* Slecht helende wonden

* Een minder goed werkend immuunsysteem - immuunklachten

* Droge en/of doffe vacht

* Verandering van de vachtkleur

* Toevallen of trillen


Secundaire symptomen of problemen:

Schildklierklachten kunnen een onderliggende oorzaak zijn bij vele andere klachten. Overweeg de schildklier als je het volgende ziet:

* Huidproblemen

* Neurologische klachten

* Oorproblemen

* Gewrichtsklachten

* Vaak geblesseerd zijn

* Spijsverteringsklachten als maagzuur eten opgeven

* Droge hoest

* Leaky Gut Syndroom

* Slokdarmverwijding

* Oogproblemen als cataract, cherry eye, hoornvliesbeschadiging

* Vroegtijdige veroudering

* Lipomen (goedaardig gezwel)

* Hartklachten

* Pancreatitis

* Bloedsuiker problemen

* Slaapstoornissen

* Addisson, diabetes, hemolitische bloedarmoede


Herken je je hond bij deze symptomen? Laat dan voor de zekerheid de schildklier testen. Als je een aantal van de symptomen herkent die niet onder de klassieke symptomen vallen, dan is er een kans dat je van het idee wordt afgebracht en dat  er niet getest wordt omdat 'de kans echt heel klein is'. Laat je niet van de wijs brengen, het gebeurt te vaak dat de oorzaak gemist wordt.  Het zal niet de eerste keer zijn dat ook de dierenarts verbaasd is omdat de schildklierwaardes toch echt afwijkend zijn.







TESTEN OP SCHILDKLIERWAARDEN


Wanneer er getest gaat worden op schildklierwaarden gebeurt dat vaak alleen op T4. Maar dat is niet genoeg. T4 kan namelijk door veel factoren beinvloedt worden en dan hoeft het dus niet specifiek te betekenen dat jouw hond een schildklierprobleem heeft. Het gevolg hiervan kan zijn dat hij onnodig op medicatie wordt gezet.

Dr. Dodds adviseert te vragen of de bloedtest het volgende bevat:

* Totaal T4

* Vrij T4

* Totaal T3

* Vrij T3

* TGAA; honden met autoimmune schildklierklachten hebben een verhoogd TGAA


Goed, en dan blijkt dat jouw hond een te traag werkende schildklier heeft. Wat nu?



REGULIERE MEDICATIE BIJ EEN TRAAG WERKENDE SCHILDKLIER


Vaak wordt er synthetische medicatie voorgeschreven. Een schildklierhormoon genaamd Levothyroxine. Sterker nog, de FDA zegt dat een te traag werkende schildklier niet te genezen is. Dat dit medicijn de enige optie is. Maar dat is dus absoluut niet waar.

Wat zijn de bijwerkingen van een regulier schildklierhormoon?

* Slechte eetlust

* Jeuk

* Huidklachten als rode, ontstoken huid

* Afgenomen activiteit, sloomheid of juist hyperactiviteit

* Overgeven

* Diarree

* Toegenomen drinkgedrag en toegenomen urineren


Ook kan jouw hond dus een teveel aan hormoon binnen krijgen als de dosis niet goed bepaald wordt. Een stukje terug kon je lezen wat er gebeurt als er teveel schildklierhormoon binnen komt. De symptomen hiervan kunnen zijn:

* Hijgen

* Nervositeit, hyperactiviteit

* Snelle pols

* Overgeven

* Diarree

* Gewichtsverlies ondanks toegenomen eetlust

* Trillen


Gebruik het reguliere schildklierhormoon niet wanneer jouw hond de Ziekte van Addisson heeft. Ook niet wanneer zij dragend is of een nestje heeft.

Er zijn ook natuurlijke opties die je zou kunnen overwegen, alvorens over te gaan op de reguliere medicatie. Voor al deze opties geldt: ga niet zelf dokteren. Zoek een goede natuurgeneeskundige, aromatherapeut, homeopaat of andere juist geschoolde therapeut die weet waar hij/zij het over heeft. Iedere hond is anders en de behandelwijze is dus heel individueel.






NATUURLIJKE OPTIES


1) Kruiden

Een aantal voorbeelden van kruiden die hierbij kunnen worden ingezet zijn ashwaganda, kurkuma, paddestoelen, kelp en blaaswier.


2) Homeopathie en spagyriek

Er zijn een aantal homeopathische en spagyrische middelen die ingezet kunnen worden bij schildklierklachten. Elke hond uit zijn klachten echter op een andere manier dus het beeld is ander in elke situatie.


3)  Voedingssupplementen

Voorbeelden hiervan zijn jodium, zink en selenium. Ook hierbij is het belangrijk dat overdaad ook zeker kan schaden en dat dit door een goed geschoold therapeut of dierenarts begeleidt zou moeten worden. Niet elke hond is gebaat bij al deze supplementen. Dat de ene hond goed functioneert bij extra supplementatie, wil niet zeggen dat het maar zo geschikt is voor elke hond.


4) Chinese geneeskunde (TCVM)

Net als bij homeopathie, behandelt ook de Chinese geneeskunde het dier als geheel. Veel toegepast hierbij zijn energetische voeding, Chinese kruiden en acupunctuur.


5) Voeding

De voeding is misschien wel het meest belangrijke aspect als het gaat om de gezondheid van jouw hond. Het maakt hierbij niet uit of jouw hond kerngezond is of dat er iets aan de hand is. Voeding is de basis van gezondheid. Er zijn, naast de juist passende voeding, een aantal voedingsmiddelen die ondersteunend kunnen werken bij schildklierklachten:

* Asperge

* Bieten

* Kropsla

* Brusselse spruitjes

* Wortelen

* Komkommer

* Spinazie


Wil je de voeding optimaal benutten, zorg dan dat de kook er even overheen is geweest of doe het in de blender. Anders kan de hond er niet zoveel mee als ondersteunende voedingsmiddelen.


Eventueel zou je nog kunnen kiezen voor een detox kuur, met name vanwege de grote hoeveelheid chemicalien die mee van belang kunnen zijn in het ontstaan van schilklierklachten. Alle organen zullen hierdoor ondersteund worden, inclusief de schildklier. Zoek hiervoor iemand die je daarbij kan helpen, omdat je dit rustig moet aanpakken.

Ook beweging is natuurlijk belangrijk. Zorg voor voldoende (gepaste) beweging. Ik bedoel hiermee absoluut niet een half uur achter elkaar een bal gooien waarbij de hond alleen gefixeerd is op de bal. Nee, gewoon een lekkere wandeling met daarbij genoeg mogelijkheid te snuffelen en geuren op te nemen. Dit maakt de hond zowel fysiek als mentaal tevreden en draagt bij aan een goede gezondheid. Daarnaast is het voor ons als eigenaar natuurlijk ook niet verkeerd.. :)



(Ik heb dit artikel vertaald uit Dog's Naturally Magazine, alwaar het is geschreven door Julia Henriques)

IETS 'GELIGS' OVERGEVEN; WAT KAN DAT BETEKENEN?

Geplaatst op 24 november, 2020 om 9:50 Comments reacties ()
'

IETS 'GELIGS' OVERGEVEN; WAT KAN DAT BETEKENEN?


Honden geven weleens over.
Iedereen die zich een tijdje 'onder de honden' heeft begeven, kan dit beamen. De meest voorkomende vorm is het overgeven van gal, of het opgeven van gal. Het ziet er geel/groenig uit en over het algemeen is het geurloos. Het kan plakkerig zijn, slijmerig of juist heel 'luchtig' en schuimend. 
Misschien maak je je zorgen als jouw hond dit overkomt, maar op zich is het helemaal niet zo heel vreemd.


Wat is gal?

Gal komt van de lever en de galblaas. Het breekt vetten en olie af in de dunne darm, en het helpt het hondenlichaam om voedingsstoffen op te nemen. Het spijsverteringsproces gebruikt gal de hele dag. De lever en de galblaas geven gal af aan de dunne darm ter voorbereiding op de vertering. 
Gal is heel belangrijk voor een goede spijsvertering, maar dan wel in kleine hoeveelheden. Soms hoopt het zich echter op in de maag of het maag/darmstelsel, en dit kan er voor zorgen dat jouw hond zich niet lekker voelt en gaat overgeven. 
Gal kan zich verzamelen en ophopen, en zich een weg banen door de maagportier (de kringspier die zich aan de uitgang van de maag en het begin van de twaalfvingerige darm bevindt) de maag in. Van daaruit gaat het naar de slokdarm (tussen maag en bek). Dit is dus eigenlijk de verkeerde kant op, want de maagportier werkt eigenlijk maar in een richting.
Soms kan het echter door druk of het niet op de juiste manier sluiten toch gal doorlaten in de verkeerde richting. 
Laten we het dus hebben over waarom jouw hond gal over geeft.


Drie redenen waarom jouw hond gal over geeft

1) Ontsteking

Hitte in het maag/darmstelsel kan een reden zijn waarom jouw hond gal over geeft. Hitte kan veroorzaakt worden door een ontsteking in de maag of dunne darm. Ook wanneer vloeistoffen op een laag tempo circuleren (rond gaan). Bijvoorbeeld wanneer de maag leeg is. Te weinig voeding kan tot gevolg hebben dat gal zich ophoopt, en vervolgens de maagwand irriteert.
Vaak gebeurt dit 's nachts of heel vroeg in de ochtend en wanneer de hond dan wakker wordt, gaat hij/zij overgeven. Zuren in de maag van de hond zijn hetzelfde als bij ons mensen, maar de manier waarop dit wordt vrijgegeven is anders. 
Het spijsverteringssysteem van jouw hond laat gal en enzymen ook vrijkomen wanneer hij/zij niet gegeten heeft. Dit type gal overgeven wordt ook wel het galbraken-syndroom genoemd. Het overgeven koelt de maag en brengt de hoeveelheid hitte naar de beneden. Wat we hierbij verder kunnen opmerken naast geel schuimend braaksel is lethargie, kwijlen, gebrek aan eetlust door gal wat omhoog komt en het likken van de lippen. Als dit vaak en veel gebeurt is het belangrijk er goed op te letten dat de hond niet uitdroogt. Met name bij pups kan dit snel gebeuren.
Wat kunnen doen bij deze vorm van gal overgeven? We kunnen kijken of het helpt om meerdere kleinere maaltijden te voeren en/of ook bij het naar bed gaan nog iets te geven zodat de maag minder lang leeg is. Veel honden worden rond 17.00u gevoerd en krijgen de volgende maaltijd weer 's ochtends om ongeveer 7.00u.
Als jouw hond weleens gal overgeeft in de nacht of vroege ochtend dan zou het kunnen helpen om die 'voedingsloze' periode iets te verkorten door 's avonds laat ook iets te voeren.


2) Brokvoeding

Het eten van brokken kan een oorzaak zijn van gal overgeven. Kan, zeg ik er duidelijk bij. Brokken kunnen zorgen voor droogte in het spijsverteringssysteem en zoals net al aangegeven kan er hitte ontstaan omdat er dus niet voldoende vloeistof rond gaat. De reden dat die droogte ontstaat is omdat brokken vocht opnemen. De maag zet vervolgens uit en er wordt teveel maagzuur geproduceerd. 
Is hier iets aan te doen? Ja, je zou natuurlijk kunnen overstappen op verse, rauwe vleesvoeding. Dit is van zichzelf al vochtig genoeg en uiteraard heeft rauwe voeding voor het spijsverteringsstelsel en het immuunsysteem nog meer voordelen. Maar wil je brokken blijven voeren, dan zou je de dagmaaltijd kunnen verdelen in wat meer kleinere porties en dit verdelen over de dag.


3) Voedselovergevoeligheid

Voedselovergevoeligheid kan ontstekingen veroorzaken (gastritis, een geirriteerde maag), wat kan leiden tot het overgeven van gal. Bepaalde voedingsmiddelen kunnen immuunreacties geven en snelle ontstekingsreacties. Dit kan extra veel gal en misselijkheid opleveren. In dit soort situaties kun je ook diarree zien, doordat het voedsel sneller door de darmen beweegt. In de ontlasting kan dan onverteerd voedsel voorkomen.
Naast de bekende triggers als mais, soya en tarwe kan in principe elk soort voeding dit soort reacties geven.
We zien dit ook optreden bij voeding die door het lichaam als 'te warm' wordt ervaren. Voorbeeld hiervan zijn bijvoorbeeld lam en hert. Of bij nieuwe voedingsmiddelen die plotseling worden toegevoegd. 
Bij gastritis zien we honden heel gefixeerd veel gras eten, en dit vervolgens weer overgeven met daarbij gal. Dit doen ze om de maag te helpen af te koelen. Gastritis kan gelinkt worden aan voedselovergevoeligheid. 
Kunnen we daar iets mee? Ja, we kunnen de hond 24-48 uur laten vasten. Op deze manier brengen we de maag tot rust. Wat ook een optie is, is om bone broth (authentieke lang getrokken bouillon) te voeren, een aantal keren gedurende 24-48 uur. Doe dit op kamertemperatuur of licht verwarmd. 
Overgeven door ontstekingen verzwakt de milt. Het is dus belangrijk om voeding nooit te koud te geven. Verwarm het even au bain marie of roer er wat warm water door. 



Nog een paar tips voor honden die regelmatig gal braken:


Hou een dagboek bij

Hou bij wat de hond eet gedurende de dag en ook wanneer er wordt overgegeven. Noteer:
- De tijden waarop de hond zijn/haar maaltijd eet en wanneer er snacks worden gegeten
- Wat de hond eet
- Wanneer de hond overgeeft (dag en tijd)
- Hoe het overgeefsel er uit ziet
- Alle andere symptomen

Het kan nuttig zijn om foto's van het overgeefsel te maken. Zo kun je eventuele verschillen zien. Ook kun je ze laten zien aan je (holistisch) dierenarts of therapeut wanneer dit nodig mocht zijn. Zoals al genoemd kun je ook andere symptomen zien: diarree, koorts, slechte eetlust en lethargie. Hoe meer details over het hoe, wat, waar en wanneer, hoe duidelijker je misschien een patroon kunt ontdekken. 


Vier kruiden die gebruikt kunnen worden bij het overgeven van gal

Er zijn een aantal kruiden die ondersteunend kunnen werken bij het overgeven van gal. Ik ga geen doseringen noemen, omdat ik vind dat dit goed overlegd moet worden met een natuurgeneeskundige. Zelf maar wat dokteren is hierbij geen goed idee, zoek hierin begeleiding. De kans is groot dat een goed geschoolde therapeut naast kruiden nog andere opties heeft, maar daarvoor is de nodige informatie gewenst. Geen hond is immers hetzelfde.

- Moerasspirea
- Heemst
- Kamille
- Zoethout


Wanneer naar de dierenarts?

Het overgeven van gal komt dus vaker voor. Maar er kunnen naast alleen gal overgeven ook andere symptomen tegelijkertijd te zien zijn en dat kan een teken zijn dat er serieus iets aan de hand is. 
Een aantal voorbeelden waarbij het goed is om hiernaar te laten kijken zie je hieronder.

1) Darmblokkade

Er zijn honden die de neiging hebben alles te willen opeten. Ook datgene wat niet eetbaar is. Voorbeelden hiervan zijn sokken, grote stukken kapotgemaakt speelgoed, hout, stenen, enzovoort. Dit kan een obstructie geven in het spijsverteringskanaal met alle gevolgen van dien. Geeft jouw hond over, en kan hij/zij ook niet poepen? Is de eetlust weg? Is er sprake van sloomheid? Ga dan direct met jouw hond naar de dierenarts!

2) Opzwellen van de buik/torsie

Een maagtorsie (of kanteling) vergt snel handelen en wanneer dit niet gebeurd kan het de dood tot gevolg hebben. De maag vult zich met gas en draait, waardoor beide kanten worden afgesloten van de slokdarm en de darmen. Heeft jouw hond de volgende symptomen, ga dan direct naar een dierenarts!

- Geel of wit schuimend overgeven, of proberen over te geven maar er komt niks.
- Kwijlen
- Strakke maag, dikke opgezette buik
- Lethargie
- Bleke slijmvliezen
- Rusteloosheid
- Droevige houding

Ga dit niet 'even aankijken'. Haast is geboden.

3) Giardia

De darmparasiet Giardia kan ook overgeven veroorzaken, met als overgeefsel geel gal. Andere symptomen die we hierbij zien is rijkelijke diarree en mogelijk lethargie. Enige tijd geleden heb ik een artikel vertaald over Giardia, je kunt hierin meer over deze parasiet, de symptomen en de behandeling lezen.
Mocht je het vermoeden hebben dat er bij jouw hond sprake zou kunnen zijn van Giardia, laat dan de ontlasting onderzoeken. Geef hierbij goed aan dat er ook naar Giardia moet worden gekeken, het gebeurt nogal eens dat dat niet genoemd wordt en dan wordt alleen op 'gewone' parasieten gecheckt.



4) Pancreas klachten

Pancreas klachten zijn heel serieus en kunnen heel pijnlijk zijn. De hond verteert geen vetten en olien. Pancreasklachten kunnen acuut zijn, maar ook chronisch. Symptomen zijn gelig overgeven, lethargie, spasmen, verminderde eetlust, diarree, gele/klei kleurige ontlasting en buikpijn. Niet alle klachten hoeven tegelijkertijd op te treden.
Op mijn facebookpagina heb ik een artikel vertaald over pancreas klachten, dus wil je er meer over weten dan kun je het daar vinden. Mocht je twijfelen of jouw hond pancreas klachten heeft, laat dit dan onderzoeken door je dierenarts.


Serieuze klachten van het maag/darm stelsel


Als jouw hond vaak (zeg maar chronisch) gal overgeeft, dan kan dit een teken zijn van een groter maag/darm probleem. Dit zou dan kanker kunnen zijn, of een maagzweer, of chronische ontstekingen. Daar komen dan naast lethargie en verlies van eetlust ook nog andere symptomen bij kijken:

- gewichtsverlies
- koorts
- uitdroging

Het is dan belangrijk hier zeker verder onderzoek naar te laten doen. 


Wanneer jouw hond (eens of af en toe) gal over geeft zonder verdere symptomen, dan kunnen we hier redelijk eenvoudig met de genoemde adviezen uit de voeten. Zodra er echt andere symptomen bij komen kijken, is het verstandig om verdere stappen te ondernemen.



Ik heb dit artikel vertaald uit Dog's Naturally Magazine, alwaar het is geschreven door Rita Hogan.


GEITENMELK VOOR DE HOND; WEL OF NIET DOEN?

Geplaatst op 17 november, 2020 om 0:40 Comments reacties ()



Regelmatig lees ik op sociale media vragen van diereigenaren over verschillende soorten klachten. Dit gaat van huid- naar spijsverteringsklachten en van acute naar chronische symptomen. Soms eenvoudige vragen, vaak ook heel serieus.
Als ik dan zie dat er heel makkelijk, zonder het dier ook maar gezien te hebben en niet gehinderd door enige vorm van informatie, zomaar lukraak adviezen worden gegeven dan maak ik mij daar wel eens boos over. Dat hoeft natuurlijk niet, ik kan het lekker laten voor wat het is.
Maar hoe vaak gebeurt het wel niet dat mensen dat zogenaamde advies opvolgen, en vervolgens van de regen in de drup terecht komen of kostbare tijd verspillen omdat er veel meer nodig blijkt te zijn? Hoe sneu is dat? Waarom er niet iets meer tijd en energie aan besteden?

Ik wil zowel de eigenaren die hulp zoeken als de 'deskundigen' die te pas en te onpas advies geven dan ook heel graag zeggen: een gedegen advies voor hond of kat krijg of geef je niet via sociale media. Daar is echt meer voor nodig, al lijkt het soms van niet. Op 100 km afstand vanachter je beeldscherm is gewoon niet te beoordelen wat nodig is. En dat is ook niet eerlijk, vind ik. 

Maar goed, hoe kwam ik hierop? Oh ja, ik zag een paar weken terug tijdens een voedingsconsult een hond met gistinfectie in de darmen en op de huid. Eigenaresse had alles al geprobeerd, en af en toe leek het wat rustiger te worden maar sinds een maand of twee was het erger dan ooit. We hebben gekeken naar de voeding, vaccinatie, medicatie, parasietmiddelen, enzovoort, en het plan gemaakt om het nodige te veranderen hier in en toen vroeg ze me of hij ook geitenmelk mocht. Ik vertelde haar wat naar mijn idee de voors en tegen hierbij waren en ze leek nogal te schrikken. Ze gaf het namelijk al een paar maanden, en rijkelijk ook. Het was immers natuurlijk en heel gezond. Vooral ook heel goed inzetbaar bij honden met huid- en darmklachten, zei de juffrouw van de facebookgroep... iemand die 'gespecialiseerd is in de hondenhuid', zoals ze zichzelf noemde.
Gelukkig kan ik de dingen die ik het liefst heel hard zou uitroepen prima voor mezelf houden als dat nodig is, dus ik hield het bij een 'jammer joh'. En adviseerde haar direct te stoppen. Na een gesprek van ongeveer anderhalf uur (want dat is er nodig om alle informatie te verzamelen) hebben we een plan gemaakt en daar gaan we mee aan de slag. Eigenaar en hond gingen een beetje teneergeslagen de deur weer uit, en ik denk dat er voortaan wel drie keer wordt nagedacht voordat er weer zomaar klakkeloos een advies wordt opgevolgd. Nu nog hopen dat degene die dit soort tips geeft er voortaan ook wat meer tijd aan gaat besteden. Of het geven van adviezen beter achterwege laat...


Na dit consult heb ik het artikel over geitenmelk uit Dog's Naturally Magazine opgezocht, zodat iedereen kan lezen wat geitenmelk voor de hond kan doen, of juist NIET kan doen:



GEITENMELK VOOR DE HOND; WEL OF NIET DOEN?


Al jarenlang genieten mensen van over de hele wereld van verse, rauwe en gefermenteerde melk. Deze melk komt van verschillende diersoorten. Ook van de geit. Sterker nog, geitenmelk is de meest gedronken melk ter wereld!
Wetenschappers hebben onderzocht dat de melk van elke afzonderlijke diersoort zijn eigen samenstelling heeft. Dit betekent dus wanneer koemelk niet goed verdragen wordt, geitenmelk juist een prima alternatief zou kunnen zijn.

Laten we eens kijken welke voors en tegens geitenmelk heeft en hoe je het aan je hond zou kunnen geven.


Waarom GEEN geitenmelk voor jouw hond?


1) Lactose-intolerantie

Voordat je, welk soort melkproduct dan ook, gaat toevoegen aan het menu van jouw hond, moet je zeker weten dat hij/zij niet lactose-intolerant is. 
Net als bij mensen, kan ook bij honden het spijsverteringssysteem van streek raken door het gebruik van melkproducten. Dit gebeurt als het lichaam het melksuiker (lactose) in melkproducten niet accepteert. Om deze suikers af te breken is een spijsverteringsenzym (lactase) nodig. Niet alle honden produceren genoeg van dit enzym, en kunnen dan overgevoeligheid en allergieen ontwikkelen voor melkproducten.

Als je niet zeker weet hoe jouw hond reageert op melkproducten, introduceer het dan heel langzaam. Let op eventuele reacties en stop gelijk als je iets ziet wat kan duiden op een overgevoeligheid. Signalen van lactose-intolerantie kunnen zijn:

- diarree
- opgeblazen buik
- gasvorming
- overgeven
- verlies van eetlust

Het goede nieuws is: wanneer de overgevoeligheid slechts minimaal is, bijvoorbeeld na het geven van koemelk, dan is er een goede kans dat ze geitenmelk wel goed kan verteren. Geitenmelk bevat namelijk 12% minder lactose dan koemelk.
Daarnaast heeft geitenmelk meer kwaliteiten waardoor het beter te verteren is. Dit komt later aan bod.


2) Vet percentage 

Koemelk kan verschillende hoeveelheden vet bevatten, vaak tussen de 1-3%. Geitenmelk daarentegen bevat zo'n 4% vet. Dat is hoger dan de koemelk die we drinken en vaak gaat het ook om verzadigd vet. 
We proberen meestal om teveel verzadigd vet te voorkomen, in verband met het cholesterol. Bij honden heeft dit echter niet hetzelfde effect. En toch willen we wel graag de balans tussen verzadigd en onverzadigd vet in de gaten houden. Dus wil je je hond geitenmelk geven, wat dus best wat verzadigd vet bevat, let dan bij het overige wat je geeft een beetje op. Probeer die balans er in te houden en laat het niet teveel de verzadigde kant op schieten.
Wanneer jouw hond pancreasklachten heeft, of een hoger risico hierop, dan is het sowieso niet handig om vet te voeren, aangezien het hierbij juist belangrijk is om het dieet laag in vet te houden. 
Het mag heel aantrekkelijk lijken om gewoon helemaal te gaan voor de 'light'-producten of de 'laag-in-vet'-hype, maar dit is helemaal niet zo'n beste keuze. Deze producten zijn gemaakt om vet te 'elimineren' maar kunnen hierdoor juist de kans op diabetes en overgewicht vergroten (vergelijk het met de zogenaamde Cola-light...)


3). Hoog in caloriewaarde

Geitenmelk is hoger in caloriewaarde dan koemelk. Een kopje geitenmelk bevat gemiddeld 170 calorieen, tegen 90-150 calorieen voor een kopje koemelk. Het is daarom heel belangrijk om, als je melk wilt geven (welke soort dan ook), goed te letten hierop. Het kan eenvoudig zijn om je hond te overvoeren en als hij/zij dan ook nog aanleg heeft tot dik worden kan overgewicht makkelijk op de loer liggen.


4). Huid- en spijsverteringsklachten

Melkproducten kunnen ontstekingen bevorderen. Ontstekingen zijn een van de grootste veroorzakers van huid- en spijsverteringsklachten. Wat zeg ik: het is een van de grootste veroorzakers van chronische klachten..
Melk heeft verschillende eigenschappen die ontstekingen kunnen bevorderen. Hieronder scharen we de eiwitten, hormonen en suikers. 
Melkwei-eiwitten dragen op grote schaal bij aan ontstekingen. Zowel koemelk als geitenmelk bevatten melkwei-eiwit, en geitenmelk heeft van deze twee de hoogste concentratie. En als het op suiker aankomt; in geitenmelk zit minder suiker dan in koemelk, maar dit scheelt echt niet zo heel veel. Dus, als jouw hond gevoelig is voor huid- en spijsverteringsklachten, of hij/zij heeft chronische symptomen op dit gebied, dan is het verstandig om alle melkproducten achterwege te laten. 





Waarom liever geitenmelk dan koemelk?

Hoewel mensen en honden veel verschillende voedingsbehoeftes hebben, zijn er ook overeenkomsten. De voordelen die geitenmelk biedt aan de mens, biedt het ook aan de hond. Geitenmelk bevat rijkelijk veel vitaminen, mineralen, electrolyten, enzymen, eiwitten en vetzuren. Als we geitenmelk op deze punten vergelijken met koemelk dan bevat geitenmelk meer eiwitten, vetten, fosfaten, calcium, potassium en vitamine C. Maar dat zijn niet de enige pluspunten ten opzichte van koemelk:


1) Makkelijker te verteren

Eerder is al genoemd dat geitenmelk minder lactose bevat dan koemelk. Daarnaast is lactose niet het enige wat bij mensen en honden overgevoeligheden kan veroorzaken rondom de spijsvertering. Geitenmelk heeft een aantal hele goede eigenschappen waardoor het toch beter te verteren is. Er zitten twee soorten eiwitten in melk: 

- Caseine:

De eiwitten in melk bestaan voor zo ongeveer 80% uit dit soort eiwit. Alpha S1 is een belangrijk eiwit in koemelk. Het kan echter ontstekingen veroorzaken en is vaak de reden voor een allergische reactie. Geitenmelk bevat maar heel weinig van dit eiwit, dus de kans op reacties en ontstekingen is hierdoor veel kleiner. 

Je hebt vast ook wel eens gehoord van A1 en A2 melk. Dit heeft te maken met het beta caseine eiwit in koemelk. Gewone melk bevat zowel A1 als A2 eiwitten, terwijl A2 melk alleen A2 beta caseine bevat. Er wordt vanuit gegaan dat A2 melk, met alleen A2 beta caseine dus, meer gezondheidsvoordelen heeft. Bovendien zou het beter te verteren zijn. Geitenmelk is een voorbeeld van een melksoort die alleen A2 beta caseine bevat. 


- Serum eiwitten:

Koemelk bevat verschillende beta-lactoglobuline en alpha-lactalbumine (wei-eiwitten) dan geitenmelk. Dit kan ook een reden zijn van voedselreacties. 


De lijst van eiwitten in koemelk die overgevoeligheden kunnen uitlokken is nog groter. Studies in Amerika hebben laten zien dat er wel 20 verschillende eiwitten zijn die allergische reacties kunnen geven. Maar het zijn niet alleen de eiwitten en lactose die koemelk moeilijker te verteren maken, er zijn echter meer redenen die ervoor zorgen dat geitenmelk gewoon beter verdragen wordt: er zitten kleinere vetbolletjes in geitenmelk, het heeft een hogere concentratie van kleine en medium ketens vetzuren en het is een 'lossere' substantie, waardoor het minder zwaar binnen komt. 

Dit alles bij elkaar maakt dat jouw hond geitenmelk in veel gevallen beter en sneller kan verteren, met veel minder moeite. Het lichaam kan geitenmelk in 20 minuten verteren. Met vetmoleculen die in grootte slechts 1/5e deel beslaan ten opzichte van die in koemelk zorgt het ervoor dat het makkelijker opgenomen wordt en beter verteerbaar. Dat kan de reden zijn waarom zelfs honden met verschillende spijsverteringsklachten geitenmelk juist wel kunnen verdragen.


2) Probiotica en Prebiotica

Probiotica zijn waardevolle bacterieen die de algehele weerstand van jouw hond vergroten. Ze kunnen komen van supplementen of van voeding. De micro-organismen bewegen zich door het spijsverteringskanaal van jouw hond en als ze alle moeilijke omstandigheden in het spijsverteringssysteem hebben kunnen trotseren dan verzamelen ze zich in de darmen. Daar waar zich zo'n 90% van de weerstand bevindt. Het is dus heel belangrijk om de balans te behouden tussen goede en slechte bacterieen. 
Maar: om hun werk goed te kunnen doen hebben deze micro-organismen voeding nodig. Daar komen prebiotica om de hoek kijken. Prebiotica zijn onverteerde vezels die de waardevolle bacterieen helpen groeien en voortplanten. 

Volgens het Raw Milk Institute kan ongepasteuriseerde melk een bron van probiotica zijn. Geitenmelk bevat daarnaast ook oligosacchariden, een bekende vorm van prebiotica. Het heeft bovendien zes keer zoveel prebiotica als koemelk. 
Het fermenteren van geitenmelk om bijvoorbeeld kefir en yoghurt te maken kan melk carbohydraten in oligosacchariden veranderen, de goede prebiotica dus. Later meer over gefermenteerde geitenmelk. 


3) Meer calcium

Elk kopje geitenmelk bevat 330 miligram calcium. Dit is flink hoger dan in een kopje koemelk, met 100-275 miligram calcium. Calcium is belangrijk voor het neuromusculair-, endocrien- en cardiovasculair systeem, en eigenlijk voor het gehele mmuunsysteem. 


4) Betere opname van voedingsstoffen

Koper en ijzer zijn essentiele mineralen die we vinden in zowel dierlijk als plantaardig voedsel. Ze zijn belangrijk voor de algehele gezondheid. IJzer helpt het lichaam naar behoren te functioneren en voorziet de spieren en organen van zuurstof. Koper is nodig om ijzer op te nemen en stopt bloedarmoede (bloedarmoede zorgt ervoor dat het lichaam stopt met het opnemen van zuurstof). 
Koemelk kan invloed hebben op de opname van ijzer en koper. Dit gebeurt niet met geitenmelk. Onderzoekers hebben de opname van ijzer en koper bestudeerd bij ratten die geitenmelk te drinken kregen. Ze zagen dat dit gelijk was aan ratten die helemaal geen melk te drinken kregen. Dat kan betekenen dat het risico op malabsorptie (voedingsstoffen worden niet opgenomen) verkleint kan worden.  

Geitenmelk kan ook de vertering van magnesium en fosfor bevorderen. Deze belangrijke mineralen helpen onder andere de botgroei.






Wanneer is geitenmelk echt geen optie?

De beslissing om wel of geen geitenmelk te gaan geven aan jouw hond is natuurlijk aan jou zelf. Maar er zijn zeker omstandigheden waarbij het zeker niet verstandig om te doen:


1) Jouw hond heeft huid- of spijsverteringsklachten

Dit is de eerste reden die ook al eerder genoemd is. Als jouw hond gevoelig is voor deze symptomen dan is het goed om melkproducten in het algemeen te vermijden.

2) Jouw hond heeft kanker

Of geitenmelk nu rauw of gefermenteerd wordt gegeven, het feit blijft dat het eiwitten bevat die ontstekingsbevorderend kunnen zijn. Ontstekingen willen we bij kanker natuurlijk vermijden, dus het is aan te raden om dit achterwege te laten.

3) Jouw hond is te zwaar of heeft pancreasklachten

Het vetgehalte in geitenmelk zou hierdoor te hoog kunnen zijn.

4) Jouw hond reageert overgevoelig op melkproducten

Hoewel geitenmelk voor veel mensen en dieren beter te verteren is, als jouw hond gevoelig is voor melkproducten dan kan ook geitenmelk nog steeds problemen geven. Wil je het toch proberen, begin dan met heel kleine hoeveelheden om het systeem niet te veel te belasten en stop gelijk wanneer er toch symptomen optreden.


Gefermenteerde geitenmelk

Voordat we overgaan op de dosering, is er nog een puntje om even te bespreken: gefermenteerde melkproducten. Fermentatie kan extra voedingswaarde geven. Gefermenteerde melk geeft producten als kefir en yoghurt. Ondanks dat mensen al duizenden jaren gefermenteerde melk en melkproducten gebruiken, zijn we pas sinds kort erachter hoe het ook echt heel waardevol kan zijn om bij moderne ziektes en klachten te ondersteunen. 

Voorbeelden hiervan zijn:
- Artritis
- Prikkelbare Darm Syndroom
- Maagzweren
- Dikke darmontsteking
- Ziekteverwekkers in de darmen
- Hersenafwijkingen

Veel mensen gebruiken gefermenteerd voedsel vanwege de goede eigenschappen als probiotica. Maar dit is niet helemaal correct. Er zitten zeker goede probiotica in gefermenteerd voedsel maar dit zijn hele fragiele ketens die de reis door het spijsverteringssysteem van jouw hond niet of maar in heel kleine aantallen kunnen overleven. Dat betekent dat ze al dood zijn wanneer ze in de darmen aankomen. Ze kunnen daar dus niet koloniseren en het effect bereiken als probiotica. En toch is gefermenteerd voedsel goed voor jouw hond, al is het dan op een andere manier.

Gefermenteerd voedsel bevat heel veel prebiotica. Dit voedt de goede bacterieen in de darmen. Het bevat ook postbiotica, die gecreeerd worden gedurende het fermentatieproces. Postbiotica biedt heel veel voordelen op gezondheidsgebied. Een hele belangrijke postbiotica zijn korte keten vetzuren (SCFA's). Deze stoppen de groei van foute bacterieen, houden de cellen van de darmwand goed bij elkaar om een lekkende darm te voorkomen, geven het immuunsysteem een boost en verminderen ontstekingen.

Het toevoegen van gefermenteerd voedsel aan het menu van jouw hond voorziet in enzymen, sterke antioxidanten, essentiele vetzuren, geconcentreerde vitaminen (waaronder vitamine K2) en mineralen uit dierlijk en plantaardig voedsel.

Gefermenteerd voedsel kan makkelijker te verteren zijn voor honden, doordat ze voorzien in enzymen die helpen om voedsel op te nemen. 


Wanneer gefermenteerd voedsel vermijden?

Wanneer jouw hond een gistinfectie heeft, is het aan te raden gefermenteerd voedsel zoveel mogelijk te vermijden. 
Om het voedsel goed te fermenteren 'eten' de bacterieen de koolhydraten en suikers in het voedsel. De prebiotica die de gisten voeden in het gefermenteerde voedsel zullen dus ook de gisten in de darmen voeden. Je denkt dan dat je je hond voorziet van iets wat als heel gezond bekend staat, maar het kan de huidconditie absoluut doen verslechteren. 





Hoe kunnen we geitenmelk geven aan onze hond?

Zoals je hebt kunnen lezen, heeft geitenmelk zowel voor- als nadelen. Mocht je beslissen om met geitenmelk te beginnen, wees er dan zeker van dat je een goede kwaliteit hebt. De voedingswaarde van geitenmelk hangt af van wat de geiten te eten hebben gekregen en uiteraard ook hun algehele welzijn en gezondheid. Een goede kwaliteit komt van geiten die biologisch zijn gehouden, vrij hebben kunnen grazen, grasgevoerd zijn, zo min mogelijk stress hebben ervaren, vrij zijn geweest van antibiotica en vrij van genetisch gemanipuleerd voedsel. 

Kies voor rauwe geitenmelk. Dit is niet behandeld en rijk aan het enzym lactase. Processen als pasteuriseren en sproeidrogen verlaagt de voedingswaarde en het vernielt de lactase. Veel mensen en dieren die niet voldoende lactase enzymen aanmaken kunnen gepasteuriseerde melk moeilijk verteren, maar rauwe melk wordt vaak prima verdragen. 

Sommige mensen zijn ervan overtuigd dat rauwe melk ziekteverwekkers bevat. Maar zoals met alles: de kwaliteit is als goed als de bron waar het vandaan komt. Als je geitenmelk van betrouwbare bron koopt, dan is het risico vrijwel te verwaarlozen. 

Als je gefermenteerde geitenmelk gebruikt, wees er dan zeker van dat het gemaakt is van rauwe melk. Melkzuurbacterieen gedijen het best op onbehandelde melk. Dus niet beschadigd door verhitting. De probiotica in rauwe geitenmelk wordt minder snel vernield tijdens de reis naar de darmen door zoutzuur en galzuren in de spijsverteringssappen. 

De dosering naar gewicht van jouw hond:

- Minder dan 10 kilo: 55 ml per dag
- 10 - 25 kilo: 110 ml per dag
- 25 - 40 kilo: 220 ml per dag
- Vanaf 40 kilo: 280 - 300 ml per dag

Als het de eerste keer is dat je start met geitenmelk, begin dan langzaam en bouw rustig op naar de dosering die past bij het gewicht van jouw hond. Let goed op eventuele signalen die kunnen duiden op overgevoeligheid. En onthou, geef je het bij de voeding: verminder dan zonodig de voeding vanwege de caloriewaarde van geitenmelk. 

Geitenmelk heeft zeker voordelen en draagt bij aan een goede gezondheid, maar het is qua voedingswaarde geen must. En zoals ik al noemde: in bepaalde gevallen kan het eventuele klachten en symptomen ook verergeren. Bedenk goed waarom je het zou geven en weeg de voor- en nadelen goed af. 


(Dit artikel is vertaald uit Dog's Naturally Magazine, en werd geschreven door Marie Gagne)

DE EIKENPROCESSIE-RUPS KOMT ER AAN!

Geplaatst op 15 november, 2020 om 8:50 Comments reacties ()



De eikenprocessierups komt eraan; bereid jezelf en je hond (natuurlijk) voor!

 

Daar gaan we weer.. net als vorig jaar is de verwachting dat we ook dit jaar weer de nodige nadelen gaan ondervinden van de eikenprocessierups. We weten vast wel allemaal inmiddels wat dit betekent: bij de mens zien we symptomen als huidirritatie (rode vlekken en bultjes) met heel veel jeuk. Indien ze in de ogen komen kunnen ook deze ernstig geïrriteerd raken. Bij inademing is er kans op ontstekingsreacties, slik- en ademhalings-problemen.

Honden komen met hun neus en bek natuurlijk overal, waardoor ze ook net iets sneller in direct contact kunnen komen met de rups. De brandharen komen hierdoor vaker in het lichaam terecht dan bij de mens. In tegenstelling tot de mens zien we minder snel huidirritatie omdat honden veelal beschermd worden door hun vacht. Dat wil echter zeker niet zeggen dat het niet voorkomt want de brandharen kunnen ook binnendringen in de vacht en zo de huid bereiken. Met een akelig vervelende jeuk tot gevolg. Problemen in de bek en luchtwegen zien we bij honden weer vaker dan bij mensen. De symptomen even op een rijtje:



Symptomen bij honden die in aanraking zijn gekomen met brandharen:

 

1) Zwelling en roodheid van de lippen en slijmvliezen

2) Veel kwijlen, mogelijk ontstaan van blaarvorming in de bek/op de tong

3) Opzwellen van de tong, waardoor de luchtweg smaller wordt en het slikken bemoeilijkt wordt - levensbedreigend

4) Ontstoken ogen

5) Verkleuringen van de tong

6) Veel jeuk aan de kop, rondom de bek en in de bek

7) Ademhalingsproblemen ten gevolge van allergische reactie die kunnen leiden tot benauwdheid - benauwdheid

8. Ook kunnen honden last krijgen van diarree en koorts




 


De eerste eikenprocessierupsen bereiken op dit moment het vierde larvestadium en krijgen brandharen. Rond 20 mei zullen de eerste echte nesten zichtbaar worden. Vanaf het moment dat de rupsen brandharen hebben, kunnen zij klachten geven maar de echte overlast wordt vooral in juni, juli en augustus verwacht. Het is nog niet duidelijk hoe groot het aantal eikenprocessierupsen is maar dat we er de nodige problemen van gaan ondervinden is een ding wat zeker is.


 

Wat te doen bij klachten?


We weten inmiddels dat als blijkt dat de hond in een nest heeft gehapt of in aanraking is gekomen met de brandharen van de rups, we in één lijn richting dierenarts gaan. Maar wat te doen in de tussentijd, want daar ben je natuurlijk niet binnen vijf minuten als je een flinke wandeling maakt.

Een advies wat ik hierin kan geven is om ten allen tijde een flesje bij je te hebben met daarin een (speciaal voor dit soort situaties gekozen) klassiek homeopathisch geneesmiddel, helemaal klaar voor gebruik en dus meteen in te zetten indien nodig. De wet verbiedt me om namen van middelen te noemen, maar het geneesmiddel werkt gelijk op de acute klachten die het dier zal laten zien en kan in serieuze situaties als dit meteen als ruikflesje worden toegediend. Er hoeft dus niks ingegeven te worden en dat is fijn, want juist in dit soort gevallen is dat niet iets wat een dier vrijwillig en graag doet. Het flesje is slechts een paar centimeter groot dus past makkelijk in jas- of broekzak. In de periode dat je met het dier naar de dierenarts gaat kun je het nog 1 a 2 keer toedienen, waarna de dierenarts zich over jouw dier kan ontfermen.

Na de behandeling van de dierenarts zijn er nog een aantal andere natuurlijke middelen die je thuis kunt gebruiken om de (rest)klachten te behandelen en de genezing sneller te laten verlopen. Indien je hier meer informatie over wilt, dan kunt je contact met mij opnemen.

 

Nog even voor de zekerheid: laat het dier niet drinken. Hierdoor kunnen brandharen makkelijker via de slokdarm in de rest van het lichaam terecht komen. Wrijf ook liever niet over de aangedane plekken; dit vergroot de irritatie.


 

Goed voorbereid op pad?


Wil je ook graag goed voorbereid op pad? Zowel de homeopathische ruikflesjes als de aanvullende natuurlijke middelen zijn in de praktijk verkrijgbaar (zowel af te halen als te verzenden), maar ook bij ons in de winkel: Meat & More voor hond en kat in Haaksbergen.

Heb je vragen over de gevolgen die de eikenprocessierups kan hebben voor jouw dier(en) of over de homeopathische middelen die bij mensen en dieren (ook op ander gebied) inzetbaar zijn, laat het me dan weten. Ik leg het je graag uit. Heel veel veilige wandelingen gewenst!



100% NATUURLIJKE VLOOIEN- EN TEKENMIDDELEN

Geplaatst op 15 november, 2020 om 8:20 Comments reacties ()

   


 

ALTERNATIEVEN VOOR CHEMISCHE VLOOIEN- EN TEKENMIDDELEN

 

 

(dit soort van ‘blog’ heb ik geschreven naar aanleiding van mijn fb-bericht afgelopen zondag 19 januari 2020, over de chemische vlooien- en tekenmiddelen. Graag deel ik dan nu ook de alternatieven voor dit soort middelen met jullie)

 


Een heel klein beetje gif toch maar?!

We kennen ze inmiddels allemaal; de chemische vlooien- en tekenmiddelen voor honden en katten. Ontzettend handige tabletten, banden en pipetjes die ervoor zorgen dat ons dier gevrijwaard blijft van vlooien en teken. Halleluja, zou je denken. Maar niks is minder waar. Om iets te doden, ben je iets nodig wat giftig is. Dat snapt iedereen wel, denk ik. Maar dat je dat giftige product vervolgens toedient aan je hond of aan je kat, dat is iets waar ik met de pet niet bij kan. Hoezeer ons ook massaal wordt verteld dat dat beetje gif absoluut geen kwaad kan, het systematisch toedienen van kleine hoeveelheden kan enorm serieuze gevolgen hebben voor het mentale en fysieke welzijn van uw dier.

Zo langzamerhand is het een beetje een welles-nietes spelletje aan het worden. Eigenaren die hun dier een chemisch vlooien- en/of tekenmiddel geven, vervolgens ontdekken dat het dier symptomen laat zien die het nog niet eerder had en bij navraag alleen maar te horen krijgen dat dat niet te wijten is aan het middel wat is gegeven. Alsof je als eigenaar spoken ziet. Ja, ammehoela... elke arts die tijdens zijn studie een beetje opgelet heeft, weet dat stoffen die het lichaam binnen komen gewoon in de bloedbaan worden opgenomen en op die manier alle plekken in het lichaam bereiken. Het zou nog kunnen zijn dat ze niet goed weten wat gifstoffen doen wanneer ze vrijelijk kunnen bewegen, maar dat mag ik toch niet hopen. Voor drie maanden gif in één tablet? Foto’s van honden waarbij de complete huid van de nek is ‘verbrand’ bij gebruik van een tekenband? Maagklachten, darmontstekingen, huidproblemen, epilepsie, shock? De lijst wordt langer en langer, dat kan gewoon niemand ontgaan.


 

Weg met het bord voor de kop

Ik ben van mening dat je als goed geschoold arts op de hoogte hoort te zijn van datgene wat een honden- en kattenlichaam uit balans kan brengen. Of dat nou voeding is, vaccinaties, ontworming, maar zeker ook giftige stoffen in vlooien- en tekenmiddelen. Je bent hoe dan ook verplicht te kiezen voor het welzijn van de dieren, niet voor al het andere wat de verkoop van dit soort producten zo interessant maakt. En als dit nu iets was wat plots uit de lucht viel, dan kan ik me voorstellen dat je je eerst even zou willen inlezen om erachter te komen wat voor bagger het is wat je zo klakkeloos laat gebruiken, wat je in de rondte strooit als ware het vitaminen.

Vervolgens hoor je dan na deze leerzame les jezelf drie keer achter de oren te krabben, je voor je hoofd te slaan omdat je het zo makkelijk over de toonbank schuift en vervolgens alles wat je nog hebt van dit soort gif per direct te verbannen uit je praktijk. Ik vind het niet goed te praten dat dit soort middelen wordt voorgeschreven door mensen waarvan we mogen verwachten dat ze er zijn om onze dieren fysiek en mentaal gezond te maken en te houden. Als je als arts je twijfels hebt bij die tienduizenden ervaringsverhalen na gebruik van chemische vlooien- en tekenmiddelen dan zou je op zijn minst toch een lampje moeten gaan branden en maar één gedachte opdoemen: bij twijfel niet oversteken en weigeren risico’s te gaan lopen met het leven van een dier. Dat ben je gewoon aan alle eigenaren en alle honden en katten verplicht. Vindt je als arts dat dat niet zo is omdat dat nou eenmaal niet is bewezen en steek je liever je kop in het zand, dan hoop ik dat heel veel eigenaren daar lering uit gaan trekken en op zoek gaan naar iemand die niet met dierenlevens speelt.


 

Voorkomen is beter dan genezen

Nu ik dan toch aangekomen ben bij de eigenaren: zullen wij proberen om ons niet maar zo meer alles klakkeloos te laten aansmeren? Is dat een leuke uitdaging? Laat ik voorop stellen dat ik de mensen die dit gebeurt, begrijp. Tenslotte heeft de witte jas nog steeds gelijk, en zelfs op de televisie wordt er reclame mee gemaakt. Ja Westerbeek.. dan moet het wel waar zijn natuurlijk. Nou, niks is minder waar hoor. Trek je eigen plan. Luister, neem de tijd erover na te denken, zeg dat je er op terug komt, win informatie in, volg je gevoel. Het wordt zo leuk gebracht; geen vlooien en teken meer met al deze middelen. Wie wil dat nou niet? Dat vlo en teek eerst moeten bijten alvorens het gif binnen te krijgen wordt er gemakshalve maar niet bij gezegd. De mensen vooral niet wijzer maken dan ze zijn. Gewoon toedienen. Maar eenmaal gegeven blijft gegeven hè!? Er is geen weg terug. Ik snap best dat wanneer ons zoveel angst wordt aangepraat, de meerderheid uitgaat van de noodzaak, maar ik vind het belangrijker om kritisch te zijn.

Kijk eens naar ons zelf: nemen wij het hele teken- en vlooienseizoen speciale tabletten, pipetten of banden om onszelf te beschermen? Lopen wij niet net zoveel risico’s als onze dieren? We zijn de weg een beetje kwijt, denk ik. De wereld wordt steeds gekker. Laten we ons richten op het immuunsysteem, laten we de dieren sterker maken in plaats van zwakker. Al deze giftige producten (en dan heb ik het nog niet eens over vaccinaties en ontworming) maken de weerstand van hond en kat echt niet groter hoor. En het gevolg hiervan is dat ze onder de noemer ‘bescherming’ juist alleen maar vatbaarder worden. Zie hier de vicieuze cirkel geboren worden..




 

Ik tegen? Ja. Best wel.

Oké, genoeg gepleit voor meer nadenken alvorens te doen. Er zullen altijd mensen blijven die vinden dat het allemaal wel meevalt, dat het al zo lang gewoon goed gaat zonder klachten of symptomen (niet in de wetenschap dat dit soort giftige stoffen zich kunnen stapelen, tot de emmer vol is) of die denken ‘dat ik overal tegen ben’. Mwah, misschien. Wel in dit geval, omdat ik ze steeds weer opnieuw zie in mijn praktijk. De dieren die er niet om gevraagd hebben ziek te worden. De eigenaren die dit niet met opzet zo hebben gepland. Zich bijna schamen omdat ze klakkeloos een advies hebben opgevolgd. Maar ze zijn er, en ook al kan ik er maar één of twee wat meer bewust maken dan is dit hele verhaal niet voor niets geweest.

Het is altijd makkelijk om te praten over wat beter is om te laten, maar net zo belangrijk is het om uit te leggen wat eventuele veiliger opties zijn om te gebruiken. Mocht je me nog niet beu zijn dan kun je dus in het volgende stuk lezen wat alternatieven zijn voor de chemische vlooien- en tekenmiddelen. Ik wil er wel graag even bij vermelden dat de succesformule bij natuurlijke producten vaak ligt in het combineren; dus niet het één of het ander, maar een combinatie. Geen dier is hetzelfde, wat bij de ene hond of kat erg goed resultaat geeft kan bij de ander misschien net niet afdoende werken. Ook de leefomgeving is belangrijk; woon je in de bebouwde kom of buitenaf? Aan het strand, in het bos of in een woonwijk? Midden in de stad of aan de rand van een dorp? Heb je alleen een hond of een kat? Beide? Een tuin, of een balkon? Allemaal van invloed. Dus wanneer je iets probeert, kijk dan ook goed naar de omstandigheden. Lees wat het product inhoudt, kijk of het goed voelt, of je denkt dat je het toe kunt dienen zoals de bedoeling is en of je dat ook kunt volhouden. Natuurlijke producten gebruik je niet maar eens per drie maanden, dit doe je meerdere keren per maand en in sommige gevallen zelfs dagelijks in het hoogseizoen. Geef het niet te snel op omdat het lijkt alsof het niet wat doet. Geef het lang genoeg een kans.

Ik vermeld bij alle producten een omschrijving. Mocht het niet duidelijk genoeg zijn of wil je meer informatie dan hoor ik het graag. Ongetwijfeld zal ik misschien nog wat zijn vergeten, of hebben jullie zelf ervaring met andere producten. Ook dit is welkom. Wel wil ik graag dat niet zomaar lukraak dingen worden genoemd of geadviseerd. Dit om experimenteren te voorkomen. Veel producten mogen dan gewoon vrij voorkomen in de natuur, bij verkeerd gebruik kan het nog steeds schade of een averechtse werking veroorzaken.



Alternatieven voor chemische vlooien- en tekenmiddelen


 

1) KLASSIEKE HOMEOPATHIE

Om in aanleg gevoelige dieren minder aantrekkelijk en meer weerbaar te maken kan klassieke homeopathie een goede ondersteuning zijn. Er zijn specifieke middelen inzetbaar om hierbij te gebruiken. Zij werken van binnenuit. Daarnaast kan het ook helpen in geval van overgevoeligheid na insectenbeten. Ook zijn er speciale homeopathische middelen die ingezet kunnen worden indien jouw hond een teek heeft gehad, dus om dit preventief te behandelen. Klassieke homeopathie is geen therapie om zelfstandig mee te experimenteren. Vraag advies bij een gediplomeerd veterinair homeopaat. (voor honden en katten)

 

2) SCHUSSLER CELZOUTEN

Hiervoor geldt eigenlijk hetzelfde als voor klassieke homeopathie. Het is goed te gebruiken in een combinatie. Ook celzouten werken heel diep van binnenuit om het dier te sterker te maken. (voor honden en katten)

 



3) SPAGYRIEK

Er zijn binnen de spagyriek verschillende tincturen beschikbaar die ondersteunend kunnen werken om het immuunsysteem van hond en kat te versterken, het dier weerbaarder te maken tegen invloeden van buitenaf. Spagyriek is een natuurlijke behandelwijze waarbij bestanddelen van geneeskrachtige planten worden gebruikt. Hiermee bestaat de mogelijkheid speciale complexen samen te stellen, specifiek voor jouw dier, met verschillende tincturen. Spagyriek kan worden toegepast in druppelvorm of door middel van een spray (in de bek). De behandeling kent geen bijwerkingen of nadelige effecten, ook niet op langere termijn. Spagyriek kan naast eventuele andere (reguliere) medicatie worden ingezet. Ook heel fijn om te gebruiken indien er al klachten zijn door overlast van vlooien en teken op fysiek gebied. (honden en katten)

 

4) H & G HUIDLOTION (voorheen anti vlooien- en tekenlotion)

Samengesteld met 100% natuurlijke ingrediënten is dit een lotion om voor honden en mensen te gebruiken tegen parasieten en insecten. Het is eenvoudig in gebruik: je neemt een beetje olie in je hand en wrijft dit uit over de vacht. Dit kan eenmaal per dag, en mochten er minder vlooien en teken zijn dan kan de tussenpoos verlengd worden.Dit product bevat geen conserverings-middelen of chemische toevoegingen. Het bestaat uit Neemolie, Colloïdaal zilver, Lavendula, Nigella sativa, Lemongrass, Tea tree, Nucifera, Bragg azijn en Ricinus. Daarnaast is het bijzonder goed toe te passen bij huidklachten als hotspots, schaafwonden, psoriasis, eczeem, staphylococcen, streptococcen, schimmel-infecties, ontstoken huid, mijten, vlooien, luis, enzovoort. Een heel mooi, veelzijdig en vooral breed inzetbaar product. H & G Huidlotion doodt geen teken. (niet geschikt voor katten)

 

5) H & G VLO EN TEEK OUT

Een 100% natuurlijk product in poedervorm, uitwendig te gebruiken bij honden en katten tegen/bij vlooien en teken. Het poeder wordt verwreven in de vacht. Dit product niet gebruiken bij een beschadigde huid (dan liever de H & G Huidlotion teken en vlooien nemen), bloedverdunners en drachtige en/of zogende dieren. Bevat kruidnagel, lavendel, neem, diatomeeënaarde, komijn en salie (allen van biologische oorsprong) in precies de goede verhoudingen. Het is ook te gebruiken voor manden, banken, beddengoed, kledingkast en in de stofzuigerzak. Vlo & Teek out heeft niet alleen een werende werking maar DOODT ook daadwerkelijk vlooien en teken door middel van uitdroging. (voor honden en katten)

 

6) H & G TICK FLEA FREE

Poeder om inwendig te geven als ondersteuning bij het weren van vlooien en teken. Eenvoudig door de voeding toe te dienen. Ingrediënten: Cistus, Rosehips, Fenegriek, Artichoke, Hemp proteïn. Een mooie combinatie van superfoods en kruiden zorg voor een sterk immuunsysteem en maken het dier van binnenuit onaantrekkelijk. (voor honden en katten)

 

7) DIATOMEEËNAARDE

Ook wel kiezelaarde, kiezelgur, silicium of silicea genoemd. Diatomeeënaarde bestaat uit deeltjes van skeletten van eencellige schelpdiertjes. Met het blote oog niet te zien, maar onder de microscoop bekeken lijken het glassplintertjes. Wanneer deze glassplintertjes in aanraking komen met vlooien, teken, luizen en mijten (inclusief larven) dan worden de beschermende schildjes/huiden (het exoskelet) beschadigd waardoor de parasieten vervolgens uitdrogen en sterven. Voor uitwendig gebruik een heel mooi product om vlooien en teken te weren en ook daadwerkelijk te doden: uitwendige parasieten worden bestreden door de vacht van hond of kat in te wrijven met de diatomeeënaarde. Hoewel het voor parasieten dodelijk werkt, is het voor onze dieren veilig te gebruiken. Wel is het belangrijk dit voorzichtig toe te passen (het stuift als talkpoeder). Omdat het zo'n drogende werking heeft kan het bij inademing irritatie aan de longen geven. Ook dient voorzichtigheid in acht worden genomen rondom de ogen (irritatie), en bij huidklachten of een erg droge huid. Het gebruik van de aarde kan de klachten daardoor verergeren. Eventueel kunt u in plaats van de diatomeeënaarde dan uitwendig H & G Tekenlotion gebruiken (bij parasieten, insecten en huidklachten). Naast het dier zelf, is het ook goed om de omgeving te behandelen met diatomeeënaarde. Slaapplekken, vloerkleden, plinten; alle plekken waar vlooien zich kunnen ophouden worden dan bestrooid met de aarde. Laat het een dag met rust en stofzuig hierna alles goed. Een beetje diatomeeënaarde in de stofzuigerzak doodt alles wat levend wordt opgezogen. Ook kan het heel goed in de tuin worden gestrooid om daar alles wat aan vlooien en teken aanwezig is, uit te schakelen. Inwendig gebruik bij parasieten in het lichaam: ook inwendige parasieten als rondwormen, haakwormen, aarsmaden en zweepwormen kunnen onder controle worden gehouden met diatomeeënaarde. Het wordt dan door het voer gegeven. Het beste is om de aarde in dit geval nat te maken, zodat de hond of de kat het niet met de neus weg kan blazen en de kans dat het als droog poeder in de longen of ogen terecht komt uitgesloten wordt. Let op dat voor inwendig gebruik food-grade (voedingsgeschikte) diatomeeënaarde wordt gebruikt. Dus geen aarde die wordt gebruikt om bijvoorbeeld zwembadfilters schoon te maken. Voor het beste resultaat wordt de aarde dan als kuur minimaal 30 dagen gegeven, zodat ook alle nieuwe eitjes (die nog uit moeten komen) meegepakt worden. Bij lintworm is de diatomeeënaarde minder effectief gebleken. Een andere reden om diatomeeënaarde inwendig te gebruiken is omdat het (volgens wetenschappelijke literatuur) de eigenschap heeft om kwik, E-coli, endotoxinen, virussen, pesticiden en overblijfselen van medicatie te absorberen. In dat geval kan het dus zeer nuttig zijn om het te gebruiken bij ontgifting, en om het spijsverteringssysteem en de darmen te reinigen. Diatomeeënaarde is rijk aan mineralen (onder andere magnesium, silicium, calcium, natrium en ijzer). Het helpt een gezonde huid, gezond haar en gezonde nagels te krijgen en te behouden en cholesterol te verlagen. Hierdoor kan het, op inwendige manier gebruikt, een heel goede ondersteuning zijn voor dieren en mensen. (voor honden en katten)

 

8. STOP! ANIMAL BODYGUARD

Natuurlijke druppels, o.a. gemaakt van essentiële oliën. De unieke plantaardige formule van STOP! Animal Bodyguard is volledig veilig voor uw hond, kat, konijn, cavia, fret en hamster. Volwassenen en kinderen kunnen het huisdier onmiddellijk na toepassing aanraken. Dankzij de milde samenstelling ook geschikt voor zogende moederdieren, pups, kittens en oudere dieren. STOP! Animal Bodyguard helpt de vacht gezond en fris te houden. Kan door middel van pipetjes worden verdeeld over het lichaam zonder bijwerkingen. Aanbevolen wordt om het elke 15 dagen aan te brengen. Stop! Animal Bodyguard bevat water, Aqua, Olea europaea, Rosmarinus officinalis, Salvia officinalis, Melaleuca alternifolia, Piper nigrum, Allium sativum, Neemboom, Olijfboom, Peruviaanse peperboom, Tea tree (zeer sterk verdund en daarom veilig voor katten). Om de essentiele oliën te dragen zijn hulpstoffen nodig, dat is onder andere belangrijk om te zorgen dat de olie in water oplosbaar is en dat de kwaliteit van het product gewaarborgd blijft, ook als het flesje is aangebroken. Er wordt gebruik gemaakt van de volgende stoffen: Cellulose gum wordt gewonnen uit bomen en planten en dan met name uit de katoenplant. Het wordt in STOP! gebruikt omdat het als geen ander water kan mengen met de andere bestanddelen en zorgt voor een goede viscositeit. Cellulose gum is een veilige stof en heeft geen nadelige effecten voor de gezondheid. Kaliumsorbaat voorkomt schimmelvorming. Natriumbenzoaat, gemaakt uit benzoëzuur: Benzoëzuur-esters, die ook voorkomen in de meeste soorten fruit en bessen, worden gebruikt als (natuurlijk) conserveermiddel. Het werkt tegen gisten, schimmels en bacteriën. Polysorbaat 20, een olie-in-water emulgator, gewonnen uit kokosolie. Tot slot de overige hulpstoffen glycerine (hydrolyse van plantaardige olie) en water. (voor honden en katten, en andere dieren)

 


9) ANIBIO MELAFLON

Melaflon Spot-On druppels beschermen honden tegen teken, vlooien en overig ongedierte. Bevat zuiver plantaardige werkzame stoffen. De actieve werkstof in dit product is Margosa (neemboom) extract. De beschermingsduur bedraagt ongeveer twee weken. Melaflon Spot-On druppels laten zich makkelijk en snel als een fijne filmlaag over de vacht en de haren van het huisdier verspreiden. Het is waterbestendig. Dit middel is niet geschikt voor katten, zogende dieren en honden jonger dan 16 weken. (voor honden)

 

10) ANIBIO TICK DROP

ANIBIO Tic-drop druppels voor katten biedt de kat een betrouwbare bescherming tegen vlooien, teken. ANIBIO Tic-drop is een waterige oplossing (zonder alcohol) met een werkzame stof op natuurlijke basis. Het is waterbestendig. Niet gebruiken bij kittens jonger dan 10 weken en bij zogende dieren. (voor katten)

 

11) FENEGRIEKZAAD

Fenegriekzaad op inwendige manier toegepast maakt het dier onaantrekkelijk voor ongedierte. De hond gaat een kerrie-achtige geur ontwikkelen waar vlooien en teken niet van houden. Gebruik het fenegriekzaad van april – oktober. Kleine honden 1 theelepel per dag, grote honden 1 eetlepel of 2 x 1 theelepel per dag. De hond zal naar fenegriek gaan ruiken en dit is ook de bedoeling. Zodra dit het geval is (vaak na een week, soms eerder) de dosering verlagen naar 2 – 3 x per week. Niet gebruiken bij drachtige dieren, pups en kittens tot acht weken of dieren met schildklierklachten. Fenegriek wordt vaak gebruikt in combinatie met troebele appelazijn uitwendig. (voor honden en katten)

 

12) TROEBELE APPELAZIJN UITWENDIG

In een sprayfles de appelazijn 1 : 1 verdunnen met water. Goed schudden voor gebruik en op de vacht aanbrengen voor de wandeling. Uitkijken voor de ogen. Troebele appelazijn wordt vaak gebruikt met fenegriekzaad inwendig. (voor honden)

 

13) TROEBELE APPELAZIJN INWENDIG

Kleine honden 1 theelepel per dag en grote honden 1 eetlepel per dag dagelijks door voer of drinkwater (wel goed letten op honden die een lage PH-waarde hebben in de urine omdat appelazijn verzurend werkt). Bij honden met klachten eerst contact opnemen met een natuurgeneeskundig arts of therapeut. (voor honden)

 

14) EXTRA VIERGE KOKOSOLIE

Kokosolie heeft insect-afwerende eigenschappen. Het wordt dan ook veel uitwendig gebruikt om de vacht mee in te wrijven en op die manier vlooien en teken op afstand te houden. Zorg er wel voor dat je niet de ontgeurde variant gebruikt. Naast zijn werking tegen insecten kan het ook een bijdrage leveren aan het weren van mijten. (voor honden en katten)

 

15) ESSENTIELE OLIEN

Er is een scala aan essentiële oliën inzetbaar om vlooien en teken te weren. Voorbeelden hiervan zijn pepermunt, citroen, clary sage, cedrus atlanticus, lavendel, palmarosa en eucalyptus. Deze oliën kunnen (op de juiste wijze verdund) worden verwerkt in druppels en/of sprays. Belangrijk hierbij is om dit te doen in samenspraak met een goed geschoolde natuurgeneeskundige, omdat net als alle andere producten, ook essentiële oliën bij elk dier weer anders werken en niet zomaar overal even eenvoudig zouden moeten worden toegepast. Neem niet zomaar wat aan, maar vraag hier advies bij zodat je een product gaat gebruiken wat bij jouw dier en de omstandigheden past. Niet geschikt voor gebruik bij katten. (voor honden)

 

16) KNOFLOOK

Er zijn legio mensen die hun hond knoflook voeren. Soms goed uitgemeten, soms op goed geluk. En daar vind ik wel iets over te zeggen. Knoflook kan helpen het lichaam van binnenuit onaantrekkelijk te maken. Zowel voor in- als uitwendige parasieten. Echter, grote hoeveelheden dienen zeker geen doel. Het kan zelfs schadelijk zijn. Als eerste: gebruik altijd verse knoflook. Niet uit een potje of een zakje. De hoeveelheid is geheel afhankelijk van het gewicht van de hond en zijn fysieke gesteldheid. Als je de knoflook ‘afgepeld’ hebt, laat het dan 15 minuten rusten alvorens het te geven. Knoflook mag niet worden gegeven aan honden die immuun-onderdrukkers krijgen. Ook voor honden met hartmedicatie, chemo-medicatie, bloedverdunners, insuline, maagzuurremmers en hoge bloeddruk-medicatie is knoflook uit den boze. Knoflook bevat Thiosulfaat, wat de zogenaamde Heinz-bodies kan veroorzaken. Heinz-bodies zijn donkere verkleuringen in rode bloedcellen die worden veroorzaakt door klontering van afgebroken hemoglobine. Er is dan sprake van bloedafbraak, hemolytische anemie. Het afweersysteem van het lichaam vernietigt de rode bloedcellen. Symptomen hiervan kunnen zijn: diarree, verlies van eetlust, lethargie, bleke slijmvliezen, versnelde ademhaling en heel donkere urine. Voor dragende dieren geldt dat altijd goed opgelet moet worden met supplementen of toevoegingen. Vraag hierbij altijd advies. Knoflook kan de smaak van moedermelk veranderen dus geef het niet aan dieren die melk geven. Geef ook geen knoflook aan pups onder de zes maanden, en zelfs al zijn ze die leeftijd gepasseerd, wees dan alsnog voorzichtig. Er zijn genoeg alternatieven. Er zijn ook verschillende meningen over het geven van knoflook aan rassen als de Akita en Shiba Inu. Deze rassen zijn gevoeliger voor hemolytische effecten door de oxidanten als N-propyl disulfide. Wordt je hond binnenkort geopereerd, geef dan minimaal drie weken van tevoren geen knoflook omdat het de bloedstolling beïnvloedt. Het lijkt nu misschien alsof het iets heel gevaarlijks is. Dat is niet per definitie het geval, maar ik weet zeker dat veel mensen heel makkelijk knoflook voeren en bovenstaande informatie nog nooit hebben gehoord of gelezen. Daarom vind ik het belangrijk om het wel te noemen. Ben je onzeker of het goed zal gaan, en of je niet teveel geeft? Laat het dan gewoon achterwege. Ga voor zeker. (voor honden)

 

17) NEMATODEN (MICROSCOPISCH KLEINE AALTJES)

Van diverse soorten nematoden is al decennia bekend dat ze succesvol ingezet kunnen worden voor de bestrijding van insecten zoals engerlingen, snuitkeverlarven, emelten en vlooien in de tuin. De nematoden kruipen via lichaamsopeningen (mond en anus) of via de insectenhuid naar binnen. Eenmaal binnen scheiden de nematoden een bacterie af die dodelijk is voor de vlooien. In de dode vlooien ontstaat een nieuwe generatie nematoden die op jacht gaat naar andere prooien. Naast de katten-vlo zijn de nematoden effectief tegen allerlei andere vlooien, zoals honden-, konijnen-, vogel- en mensenvlooien. Nematoden worden de laatste jaren ook steeds vaker ingezet voor de bestrijding van de eikenprocessierups. De nematoden worden met behulp van een speciale formulering in de eikenbomen gespoten. Binnen een paar uur moet een nematode in contact komen met een rups want anders droogt hij uit en sterft hij. De Steinernema Carpocapsae aaltjes zijn werkzaam tegen emelten (larven van langpoot-muggen, Tipulidae) en larven van oevervliegen, rupsen van nachtuilen (Opogena), fruitmot, kooluil, groenteuil, buxus-mot en Duponchelia fovealis, larven van de grote dennenkever (Hylobius abietis), diverse andere kevers (Coleoptera) en veenmollen (Orthopthera). Ook werken deze aaltjes tegen andere insecten zoals teken (met name de schapenteek) en koperwormen. Nematoden zijn per miljoenen in zakjes te koop en uit te strooien/sproeien in de tuin. Op de juiste manier toegepast kunnen ze binnen twee dagen een vlooien- en tekenpopulatie halveren. (voor de omgeving)

 


18. FLEA SO SOAPBAR NR 6 PARASITAIR VAN NATURE ANIMAL

Erg fijne handgemaakte zepen die samengesteld zijn uit alleen maar puur natuur producten (indien mogelijk allemaal biologisch). De Flea So Soapbar nr 6 bevat olijfolie/kokosolie, neemolie, kaneel, citroen, rozemarijn en eucalyptus. De zeep wordt op heel lage temperatuur gemaakt om de werking van de inhoudsstoffen te bewaren. Naast de parasitaire werking is deze zeep ook heel goed te gebruiken bij erge jeuk, uitslag, uitgedroogde huid, vieze natte plekken, et cetera. Deze zeep bevat geen chemische conserveringsmiddelen of palmolie. (voor honden, er is ook een zeep verkrijgbaar voor katten)

 

19) EM KRALENBAND

Een band, vaak in verschillende kleuren stof, met daarin verwerkt effectieve micro-organismen gebakken in klei. Een soort steentjes die om de zoveel centimeter vastgezet zijn. De werking is gebaseerd op trillingen en frequenties en op deze manier worden vlooien en teken op afstand gehouden. De band gaat een leven lang mee. Eens in de twee weken spoel je hem goed af onder koud water en legt hem in de zon te drogen.

 

20) ZWERGNASE ANTI TEKEN-OLIE

Zeer effectieve teek werende voedingsolie voor honden en katten. De koudgeperste topkwaliteit biologische kokosolie in combinatie met een kruidenmengsel is een nieuwe olie om teken bij honden en katten af te weren. De olie kan puur ingegeven worden of door de voeding worden gemengd. Het houdt niet alleen teken maar ook muggen, mijten en dazen op een afstand. De olie zorgt voor een algemene bevordering van de gezondheid en heeft voornamelijk een effect op de immuniteit. In schril contrast met andere (chemische) anti teken middelen heeft deze olie juist positieve effecten op de gezondheid. De olie ruikt naar kokos en is waterbestendig. Voor een betrouwbare werking is aan te raden de olie op frequente basis te voeren, vooral in het tekenseizoen of bij het reizen naar gebieden waar veel muggen of teken voorkomen. De olie is 100% biologisch, vrij van chemicaliën en bijwerkingen, is effectief na 5-10 dagen, geen teken meer uiterlijk na ongeveer 21 dagen. Voedingsaanbeveling: vanaf de leeftijd van 6 maanden 1 x per dag 1/2e theelepel per 10 kg lichaamsgewicht door de voeding mengen. Voor een goede bescherming tijdens het tekenseizoen: voer het dagelijks van maart tot oktober/november. Zwergnase anti teken olie bevat koudgeperste biologische kokosolie en gedroogde biologische kruiden, specerijen en zaden. Ik kan de kruiden, specerijen en zaden niet precies benoemen omdat de fabrikant heeft besloten dit niet te willen vrijgeven. (voor honden en katten)

 

En last but not least: niks. Als er geen vlooien zijn, hoef je ook niet per se iets te geven om dit tegen te gaan. In het tekenseizoen na elk verblijf buiten en iedere wandeling de hond heel goed controleren. Met je handen door de vacht, kammen met een vlooienkam en gewoon goed opletten. Wat je vindt haal je weg. Dit klinkt eenvoudig, maar is zeker een optie. Eigenlijk doe je dan hetzelfde als wat je bij jezelf doet om vlooien en teken tegen te gaan. Niks dus.

 

 

Zo, dat was hem dan. Tot zover de lijst met de meest toegepaste natuurlijke producten tegen vlooien en teken. Geheel natuurlijk, niks chemisch aan toegepast dus wanneer deze producten op juiste wijze worden gebruikt zijn ze helemaal veilig. En dan nu maar kijken wat jullie het beste bevalt. Dat kan een klusje zijn, vooral als je meerdere producten nog niet eerder hebt gezien of gebruikt. Doe het rustig aan, maar begin wel op tijd. Sommige producten hebben een aanloopje nodig om in te gaan werken of goed door het lichaam te worden opgenomen. Ga niet gelijk als een gek alles toepassen, overdaad schaadt en is ook geheel onnodig. Mocht je vragen hebben over de toepassingen, hoeveelheden, combinaties van middelen, wisselwerking met andere (chemische) medicatie, gebruik bij aandoeningen of iets anders, schroom dan vooral niet om te vragen. Daar ben ik voor.

Voor nu hoop ik dat jullie nog geen vierkante ogen hebben van het lezen. Ach, het mooie is dat je het ook gewoon kunt uitprinten. Lees je elke dag een stukje:) Heel veel succes en laten we hopen op een zoveel mogelijk vlo- en tekenvrije periode. Toedeloe!


CHEMISCHE VLOOIEN- EN TEKENMIDDELEN

Geplaatst op 15 november, 2020 om 8:10 Comments reacties ()

 

 

 

CHEMISCHE VLOOIEN- EN TEKENMIDDELEN



DE FDA WAARSCHUWT VOOR CHEMISCHE VLOOIEN-EN TEKENMIDDELEN.

IS DIT DAN EEN VOORZICHTIG BEGIN VAN HET EIND?

  

Wie? wat? De titel van dit bericht is al net zo misleidend als wanneer je informatie vraagt over de risico's van reguliere vlooien- en tekenmiddelen. Waar gaat het eigenlijk om? De FDA (Food & Drug Administration) gaat hondeneigenaren waarschuwen voor vlooien- en tekenmiddelen. Dit na verschillende rapporten waaruit naar voren kwam dat deze middelen serieuze bijwerkingen kunnen veroorzaken.

 

Gaan ze dan eindelijk inzien hoe gevaarlijk deze producten voor dieren zijn?

Nope. Tuurlijk niet. Enige wat ze gaan doen is samen met de producenten kijken hoe het label op de verpakking dusdanig veranderd kan worden dat er een soort van waarschuwing bij op komt te staan over 'mogelijk optreden van neurologische verschijnselen na toediening'. Het gaat daarbij om Bravecto, Nexgard, Simparica en Cridelio.

Al deze middelen bevatten een zelfde stof, het giftige verdelgingsmiddel Isoxazoline.

 

Goed, een soort van iets dikker gedrukte waarschuwing komt er dus op de verpakking, omdat de rapporten aangaven dat er sprake kon zijn van neurologische verschijnselen als spiertrekkingen, ataxie (ongecoördineerde en onsamenhangende bewegingen) en toevallen.

Voor een heel arsenaal aan eigenaren is dat allang geen nieuws meer, zij hebben deze ervaring helaas al opgedaan en moeten aanschouwen dat hun hond of kat hiermee te maken kreeg na gebruik van deze middelen. Het past dan ook in het rijtje van alle andere genoemde bijwerkingen en symptomen die eigenaren zagen: overgeven, diarree, verlies van eetlust, huidproblemen, lethargie (inactief, geen interesse in de omgeving), verlammingsverschijnselen, shock, epilepsie, enzovoort.

 

Ben je dan goed bezig door de lettertjes voortaan vetgedrukt op het doosje te plaatsen? Steek je dan niet nog steeds gigantisch je kop in het zand?

 

Goed, deze chemische vlooien- en tekenmiddelen bevatten dus Isoxazoline. Doel hiervan is om het centrale zenuwstelsel van vlo en teek lam te leggen, uit te schakelen met de dood tot gevolg. Wanneer honden en katten dus deze middelen binnen krijgen dan gaat dit via de bloedbaan het gehele lichaam door. Al het bloed van betreffende hond of kat bevat dan dus deze giftige stof en als vlooien en teken zich tegoed doen aan dit bloed, gaan ze daaraan dood.

 

En dan nu iets waar nog steeds echt heel erg veel eigenaren niet bij stil staan: om deze giftige middelen te laten werken, zul je dus eerst je hond of kat moeten vergiftigen. Elke keer weer, maand op, maand af een beetje gif in de bloedbaan en hoppateetje... knapperd die nog een vlo of teek vindt.

Een mooi excuus wat wordt gebruikt als je begint over het vergiftigen van hond of kat is dat een hond of een kat groter is dan een vlo of een teek en daardoor is het voor hen minder erg. Zou kunnen, ik probeer het liever niet uit. Misschien is de kans op klachten inderdaad kleiner als het éénmalig zou zijn maar dat is in dit geval niet zo. Deze gifstoffen komen systematisch het lichaam binnen, daar kan gewoon niks goeds uit voort komen. En dat is tegelijk ook bijzonder lullig, want de tests die hiervoor zijn uitgevoerd zijn zonder twijfel niet maanden achtereen gedaan. Hoe kun je dan achteloos beweren dat het geen kwaad kan?!


 




Weet je, het is bijzonder moeilijk om instanties als de FDA of een heel grote meerderheid van de dierenartsen te overtuigen. Niet bewezen, het dier was vast al ziek, enzovoort. Op deze manier komen grote bedrijven weg met claims of beschuldigingen.

Nog een probleem is dat de FDA verschijnselen als ataxie en spiertrillingen geen onoverkomelijke problemen vindt. Niet iets om je nou vreselijk zorgen over te maken. Maar dat is nou juist de clou! Samen met de vlo en de teek ben je dus wel degelijk een dier aan het vergiftigen! Kijk naar de neurologische verschijnselen, wat hond of kat laten zien is exact hetzelfde als de manier waarop de vlo en de teek worden gedood!

  

Wat ik zelf wel graag zou willen zien is dat eigenaren meer uitgelegd kregen en hierdoor meer kennis konden op doen. Niet alleen horen dat ze vanaf nu van alle vlooien en teken af zijn, maar ook de andere kant. Dat wanneer hun dier klachten laat zien, dit ook in eerlijkheid wordt ontvangen en niet afgedaan met een 'is nooit bewezen, ik geef het mijn eigen dier ook'.... en tja, als je als eigenaar hoort dat een dierenarts zelf zijn dieren ook deze middelen geeft, dan moet het toch wel goed spul zijn. Toch? Lulkoek. Ik kan me mateloos ergeren aan het gemak waarmee het verkocht wordt, de eenvoud waarmee het in de rondte wordt gestrooid, de desinteresse in de eventuele bijwerkingen die het zou kunnen hebben. Klachten af doen met 'welnee mevrouw, daar komt het niet van'. Wat ik daarvan vindt? Dat vind ik niet eerlijk. Het mag misschien niet 100% op papier bewezen zijn maar wanneer er bij bepaalde producten zoveel bijwerkingen worden genoemd na toediening dan mag je daar als arts ook je vraagtekens bij zetten en elk risico uit de weg gaan door het niet meer te verkopen.

  

Ik zie zoveel dieren in mijn praktijk met klachten, en elke maand weer vrolijk zo'n tabletje op de agenda. Zo lekker makkelijk.. nee, hij heeft er echt geen last van hoor. Om vervolgens alle chronische en acuut ontstane klachten op te noemen waarvoor ze bij me komen. Zonder ook maar enig verband te leggen. En dat is niet per definitie de schuld van eigenaren. We worden er toch mee opgevoed? Alles moet preventief; vaccineren, ontwormen... en vlooien- en tekenmiddelen passen keurig in dat rijtje. Het kan immers geen kwaad en wat de alternatieve dierenzorg zegt is bangmakerij. Is het dat echt? Of heet het misschien medeleven?

 

Goed, wat die waarschuwing van de FDA betreft; waardeloos.

 

Ik hoop dat het vlekje wat ontstaan is door ongeruste eigenaren die hun verhaal uiten in de loop van tijd een megavlek wordt die niet meer uit te poetsen is. En dat ook de reguliere dierzorg een vuist mag maken, of in elk geval een luisterend oor wil bieden.

 

Misschien overbodig; je mag je mening geven, eens of niet. Ik ga niet in discussie, dus verwacht geen welles/nietes..

 

Het eerste stukje is een vrije vertaling uit Dog's Naturally Magazine, de rest is mijn eigen (vrije) mening:)


GIARDIA BESMETTING BIJ HOND EN KAT

Geplaatst op 15 november, 2020 om 7:50 Comments reacties ()



GIARDIA BESMETTING BIJ HOND EN KAT

Omdat Giardia best een onderschatte besmetting is en ik vind dat het vaak lang duurt voor deze diagnose gesteld wordt, heb ik het artikel van dr. Karn Becker (vrij) vertaald.

 

Giardia is een eencellige parasiet die zich niet alleen ophoudt in de darmen van honden en katten, maar ook van wilde dieren en een groot deel van de Derde Wereld bevolking.

Er is veel wat we nog niet weten over de Giardia-parasiet. We weten bijvoorbeeld niet hoeveel soorten er precies zijn. Of welke soorten nou precies welke dieren besmetten. Ook kennen we niet exact de levenscyclus van de verschillende soorten die zijn geïdentificeerd.

De Giardia-parasiet komt veel voor in de omgeving, met andere woorden: het is zo ongeveer overal. Dus ook in rivieren, meren, kanalen, poeltjes, vijvers enzovoort.

 

 

Giardia is een zoönose. Dit betekent dat wanneer jouw hond of kat deze parasiet heeft, het ook overgedragen kan worden op jou of een ander dier in de omgeving van jouw dier. Dat niet alleen, mensen kunnen ook besmet zijn met de Giardia-parasiet en dit overdragen op dieren. Besmetting tussen mens/dier of dier/mens komt niet heel vaak voor.

Veel voorkomende plaatsen waar Giardia makkelijk en snel overgedragen kan worden zijn bijvoorbeeld broodfokkers of andere plekken waar heel veel dieren bij elkaar gehouden worden. Maar het kan ook aan pups, ondanks alle goede zorgen, vanuit het nest bij de fokker worden meegenomen naar een nieuwe omgeving.

 

In het lichaam leeft Giardia als peervorm met zweephaartjes (trofozoiet) om zich voort te bewegen. Met behulp van een soort zuignap hecht het zich vast aan de darmwand. Door zichzelf te delen kan het zich vermenigvuldigen. In deze toestand (als peervorm) kan Giardia niet buiten het lichaam overleven. Komt hij met de ontlasting aan het eind van het darmkanaal dan vormt hij een beschermende laag om zich heen en wordt inactief. De parasiet zit dan in een cyste. Op deze manier kan hij enkele maanden blijven bestaan in de omgeving. De cysten, die dus besmettelijk zijn, overleven het langst in een vochtige, koele omgeving, ze kunnen niet goed tegen droogte en hitte.

 

 

Jouw dier kan Giardia oplopen door het consumeren van ontlasting die de cystes van de parasiet bevat. Besmetting kan plaatsvinden op directe of indirecte manier door contact met de besmette cystes in ontlasting van andere dieren. Maar de cystes komen ook terecht in bijvoorbeeld water, gras, zand/aarde, enzovoort.

Het kan ook gebeuren dat een besmette hond likt aan zijn anus, daarna andere dieren likt en op die manier de parasiet overbrengt. Ook besmet water kan makkelijk Giardia overbrengen.

 

Wanneer een dier de besmette cystes binnen krijgt zal het zich in de darm opnieuw vermenigvuldigen en op deze manier is er weer een drager van de Giardia parasiet geboren.

 

 


Giardia kan bij dieren van alle leeftijden voorkomen. We zien wel dat jonge dieren over het algemeen in de meerderheid zijn. Dieren kunnen de Giardia parasiet bij zich dragen zonder symptomen te laten zien. Wel kunnen ze de parasiet dan gewoon via de ontlasting doorgeven aan andere dieren.

 

De meeste Giardia-infecties zijn a-symptomatisch: zonder duidelijke symptomen. Als er wel symptomen zijn is de belangrijkste hiervan meestal diarree. Deze kan acuut (plotseling) zijn, chronisch of wisselend dunner/steviger.

Veel eigenaren ondernemen dan niet gelijk iets, omdat het vaak met een paar dagen weer beter wordt. Dit kan dan voor een week weer beter zijn en vervolgens begint het weer opnieuw. Eigenaren denken dan al snel dat het dier iets verkeerds opgescharreld heeft of minder goed op zijn eten reageert. Door het op en af ritme wordt er geen diagnose gesteld en kunnen dieren dus langere tijd rondlopen met een Giardia-besmetting. Vaak blijft de eetlust onverminderd aanwezig maar gaan dieren wel veel gewicht verliezen. Soms zelfs zoveel dat het gevaarlijke vormen gaat aannemen.

De Giardia parasiet verstoort de opname en vertering van voedingsstoffen. Ook kan het de beschermende wand van de darm beschadigen. Giardia wordt er van verdacht een rol te spelen in het (eventueel later) ontstaan van Leaky Gut (Lekkende Darm) en/of chronische maag/darmontstekingen.

Veel dieren die deze aandoeningen ontwikkelen, bleken op jonge leeftijd Giardia gehad te hebben.

 

Veel dieren lijden aan langdurige (op en af) diarree of slappe ontlasting, malabsorptie of andere spijsverteringsproblemen en blijken pas na lange tijd getest te worden op de Giardia-parasiet (en dan ook nog eens positief te zijn). Dit zou eigenlijk veel sneller gecheckt moeten worden.

Ook zien we vaak dieren die weken, maanden en soms zelfs jaren een ongediagnosticeerde besmetting hebben en vervolgens heel acuut een bloederige diarree ontwikkelen waardoor het snel dreigt uit te drogen.

 

De Giardia-parasiet is microscopisch klein en met het blote oog niet te zien. Het is dus niet zo dat er niks aan de hand is omdat we niks zien. Vaak wordt er ontlasting getest op wormen, maar niet specifiek ook op Giardia. Of er komt een vals negatieve uitslag; niet positief getest op de parasiet terwijl dit wel zo blikt te zijn na uitgebreider onderzoek. Op deze manier kunnen dieren er lang mee rondlopen. Om echt te kunnen aantonen dat er sprake is van een Giardia besmetting en aanwezigheid van antigenen is het goed om de ontlasting via de dierenarts bij een laboratorium te laten checken door middel van een ELISA-test of PCR (Polymerase Chain Reaction)-test.

Andere testen kunnen alleen aantonen dat er Giardia cystes aanwezig zijn, en dat moet dan ook nog toevallig in de ontlasting zijn die is ingeleverd. Als jouw dier de diagnose Giardia heeft gekregen dan zal de dierenarts medicatie voorschrijven om deze parasiet te elimineren. Meestal is dit Metronidazol of Fenbendazol. Helaas wordt de Giardia-parasiet meer en meer resistent voor medicatie die bedoelt is om eencellige parasieten te doden. Hierdoor kan het dus heel goed zijn dat jouw dier na de behandeling nog steeds positief zal testen op Giardia. Overigens is het sowieso heel goed mogelijk dat zelfs na een maand of zes jouw dier nog steeds positief zal testen op Giardia antigenen, omdat het lange tijd in beslag kan nemen voor het lichaam zich helemaal heeft ontdaan van de dode parasieten.

 

Het is goed om, na behandeling, gedurende drie tot vier maanden lang elke maand een flotatie test uit te laten voeren bij de dierenarts om er zeker van te zijn dat de uitslag negatief is en vervolgens een antigeen-test te laten doen om aan te tonen dat de infectie is opgeruimd. De reden van al dit testen is dus omdat niet in elke keer dat het dier ontlasting heeft, hier ook cystes in voorkomen. De eerste twee keer kan er niks gevonden worden, terwijl de derde keer de ontlasting wel weer cystes bevat. Het is daarom heel belangrijk om te blijven controleren.


BEHANDELING


Dr. Karen Becker geeft in dit artikel aan veel natuurlijke producten ingezet te hebben bij besmetting met de Giardia-parasiet. Ze geeft hierbij aan dat ze mooie resultaten heeft gezien met antiparasitaire kruiden en planten als berberis, gember, olijfbladeren, kattenklauw, pau d'arco, kaneel en zwarte walnoot. Deze hielpen heel goed de parasitaire belasting te verminderen maar deden helaas niet altijd voldoende om de besmetting te elimineren. Ze is van mening dat het heel goed is om op volledige wijze deze infectie te lijf te gaan maar dan zeker tot negen maanden na het stellen van de diagnose de ontlasting frequent te controleren. De eerste resultaten zijn vaak heel goed, maar ze heeft regelmatig gezien dat bij een natuurlijke behandeling na een maand of zes de cystes kunnen terugkeren. Ga nu alsjeblieft niet zelf als een malle met al deze kruiden in de weer, laat je eerst goed voorlichten door iemand met verstand van zaken.

 

 


EIGEN NOOT:

Ik ben zelf heel positief over het behandelen met spagyriek bij Giardia (of andere parasitaire) besmettingen. Het is een zeer waardevolle aanvulling in de bestrijding van Giardia, maar tegelijk ook een grote versterker van het immuunsysteem en het zelfherstellend vermogen van het dier. Spagyriek kan al op heel jonge leeftijd bij dieren worden ingezet en mag langdurig worden toegepast.

 

Het is van groot belang dat er wordt gewerkt aan het sterker maken van het immuunsysteem, met name ook omdat de Giardia-parasiet best het nodige kan aanrichten op de lange termijn (chronische spijsverteringsklachten, lekkende darm, maag/darmklachten). Om ervoor te zorgen dat jouw dier hier minder of geen gevolgen van ondervindt en een betere weerstand opbouwt kan extra natuurlijke ondersteuning enorm belangrijk zijn. Het is dus zeker verstandig hier een met behulp van een holistisch dierenarts of natuurgeneeskundig therapeut een plan op te stellen, afgestemd op jouw hond. Er kan dan worden gekeken naar voeding, elimineren van overtollige ballast en inzetten van immuunversterkende middelen als bijvoorbeeld homeopathie, spagyriek, kruiden, enzovoort.

(Mocht je hier meer informatie over willen, neem dan gerust contact met me op)

  

Daarnaast is het belangrijk om bepaalde dingen in acht te nemen: ruim de ontlasting van jouw hond op zolang nog niet 100% zeker is dat de besmetting weg is. Blijf voorlopig even weg van plekken waar meerdere dieren bij elkaar komen om ervoor te zorgen dat de besmetting zich niet verder verspreidt. Je kunt niet alles voorkomen, maar alle beetjes helpen. Was alles wat gewassen kan worden en kan het niet in de machine, doe het dan met een stoomreiniger.

Verder zijn er op internet de nodige tips te vinden om de omgeving van jouw dier zo goed mogelijk te reinigen wanneer er een besmetting is.

  

EIGEN NOOT:

Het is overigens niet aan te raden maar iedere keer zogenaamd preventief te ontwormen. Veel mensen denken dat ze op deze manier alle parasieten tegenhouden maar dit is zeker niet het geval. Naast dat preventief ontwormen niet bestaat, werken ontwormingsmiddelen zeker niet tegen de Giardia-parasiet. Behalve dat hebben reguliere ontwormingsmiddelen ook enorme negatieve invloed op de darmflora; de meest belangrijke plek waar een zich een goed immuunsysteem moet ontwikkelen. Door steeds onnodige medicatie als ontwormingsmiddelen toe te dienen komt dit immuunsysteem elke keer weer onder druk te staan en is er geen mogelijkheid weerstand op te bouwen.

Medicatie zou bedoelt moeten zijn om te helen, niet om zomaar 'voor de zekerheid toe te dienen'.

Wil je toch graag weten of jouw dier vrij is van inwendige parasieten? Laat dan in ieder geval twee keer per jaar de ontlasting testen. Dit kan bij de meeste dierenartsen en anders bij parasitologisch centrum Het Woud. Je bestelt een ontlastingskit, stuurt wat ontlasting op en krijgt de uitslag via email. Ook een onderzoek naar Giardia is hier mogelijk.

 

 



Rss_feed

0